In-druk

Ik ben niet gemuilkorfd of zo. Maar je hebt van die perioden dat druk en drukte verhinderen met gewenste regelmaat nieuwe artikelen te plaatsen. Er gebeurt dus een hoop, maar ofwel het is onderhanden werk dat nog niet rijp is voor een bericht, ofwel het is de moeite van het vermelden niet waard, ofwel hinderlijk tijdgebrek maakt het noodzakelijke onderzoek naar feiten en achtergronden wat lastig. Daarom nu slechts een paar tipjes van de sluier om een indruk te geven.

– Het eerder aangekondigde tripje naar Vukovar in juli is uitgesteld. Te veel risico en gedoe bij het reizen door zo veel landen, van Zwitserland, Duitsland, Oostenrijk, Hongarije, via Kroatië en Slovenië tot Trieste, Lombardije en Frankrijk, waar het dan ook nog eens in juli-augustus makkelijk 35-40° is. Het zal op een later moment alsnog wel plaatsvinden.
Naar Wenen en misschien een dagje Bratislava zit er waarschijnlijk nog wel in deze maand.

 


– Zoals gebruikelijk vergen voortuin, achtertuin en het landje buiten het dorp enorm veel werk. Planten, zaaien, poten, onkruid wieden (vooral heel veel akkerwinde en heermoes), oogsten, en vooral elke dag water gaan halen en geven.

– Er komt weer wat schot in mijn zoektocht naar de lotgevallen van achterneefje Pierre Loonen. Bij toeval kreeg ik het bericht dat er een lijvig boek van 2.500 blzz. op uitkomen staat over “les 9 000 déportés de France à Mittelbau-Dora” (= Buchenwald). Mij werd door de auteur gevraagd naar meer informatie over mijn familielid, en toen ik die had verstrekt, bleek dat het boek al bij de drukker lag, maar dat mijn informatie een zeer gewaardeerde uitbreiding voor het documentatiecentrum betekende. In vervolg daarop ben ik verder gaan zoeken en kom ik weer wat stapjes dichterbij de nog ontbrekende puzzelstukjes van zijn wel en vooral wee. Maar voor een vervolgartikel is het nog lang niet genoeg.

– Mijn ergernissen over STER-reclames nemen in rap tempo toe in aantal en hevigheid. Ik noem nu slechts gaslicht.com, Vitæpro, &c. &c. &c… Daarnaast ook over de niet aflatende klantonvriendelijkheid van simpel.nl en een groot aantal pubieke omroepen, met Omroep Max als onbetwiste nummer één. En over het ultieme démasqué van Erben Wennemars en Erik Scherder. Om daarvan hier weer melding(en) te maken is er wat correspondentie nodig, hoor en wederhoor, en moet ik al het materiaal bij elkaar rapen en kneden tot iets wat zowel leesbaar, lachwekkend en triest tegelijk is.

Het zit allemaal in het gistvat.

 

Jargon

Als onverwachte bijvangst bij mijn jarenlange docentschap PR & Voorlichting ben ik mij gaan bezighouden met het onderzoeken en beoordelen van reclame-uitingen, in druk, op radio en op tv. Heel af en toe heb ik daarover al eens een bericht gepubliceerd. Zie bijvoorbeeld:
https://nardloonen.nl/2014/11/13/reclamegekte/

en
https://nardloonen.nl/2017/12/10/de-eczeem-creme-1-van-2/
In die gevallen betrof het voornamelijk incorrect taalgebruik en/of incorrecte informatie. Ik wil het nu even hebben over het tenenkrommende jargon en over de misleidende allusies waaronder advertenties en reclamespotjes ons bedelven.

Voor de zoveelste maal breng ik daarbij in herinnering de elfde stelling uit mijn proefschrift (2003), waarvan de waarheid onverminderd van kracht blijft:

Het volstaat niet commerciële reclame op radio en televisie te kwalificeren als infantilisering van taal en denken. De permanente zweem van misleiding, volstrekt niet ter zake doende associaties tussen het aangeboden product en de setting van de reclame-uiting, het kwetsen van individuele burgers die op uiterlijke of innerlijke kwaliteiten niet voldoen aan de norm die door reclame-uitingen wordt gesuggereerd als standaard en goed, alsmede het gebrek aan juiste en voldoende consumentenvoorlichting die in reclame-uitingen wordt aangetroffen, vragen om verdergaande regelgeving dan de bevoegdheid en werkwijze van de Reclame Code Commissie tot op dit moment.

Ik loop een aantal ‘standaarden’ van het reclamejargon en van reclamebeeldvorming in alfabetische volgorde langs. Compleet is het allerminst, maar mijn insteek is zo ook wel duidelijk, lijkt me. Een vrij willekeurige greep dus uit de vele taal- en beeldinvloeden waarmee de consument wordt verblijd:

BIJTELLING: Een prima manier om de doelgroep van je autoverkopen aanzienlijk in te perken. Is alleen interessant voor zakelijke rijders die hun auto ook deels privé mogen benutten. De genoemde bedragen voor de bijtelling zijn vanaf-prijzen. Ga er maar van uit dat je veel meer zult kwijt zijn, afhankelijk van het aantal privékilometers en de eventuele inkomensafhankelijke heffingskortingen. Het is de zoveelste manipulatie om je de indruk te geven dat je voor weinig geld veel auto krijgt. En ik sluit niet uit dat niet-oplettende kijkers het bijtellingsbedrag lezen als een aanschafbedrag, waarmee de auto wel erg goedkoop wordt en binnen bereik komt.

BUITEN BEREIK:Buiten bereik van kinderen houden“, klinkt het vaak met een zespunts-stemmetje heel vlug en achteraf, vooral bij heftige schoonmaakmiddelen. Terecht natuurlijk; dat staat ook verplicht op de verpakking. Bedoeld effect: u staat op het punt iets te gaan kopen wat zó heftig is en verwoestend, dat uw kind er ernstig last van kan krijgen. En dus is het een prima middel, niet om van uw kinderen af te komen, maar om tevredenstellende resultaten bij de schoonmaak te verkrijgen. Als ik het goed beluister, mag u als volwassene (die het product gaat betalen) zelf het product wèl inslikken.

DUITS: Er was eens een tijd dat men het om begrijpelijke redenen niet commercieel verantwoord achtte Duitstalige spotjes te maken of zelfs maar Duitse producten aan te prijzen. In de laatste decennia komt daarin wat verandering, maar nog steeds wel vaak in aangepaste vorm. Ik noem er drie:
– Versluierend taalgebruik. Jarenlang kregen we in reclame-uitingen en briefpapier niet te weten dat energieleverancier RWE stond voor Rheinisch-Westfälisches Elektrizitätswerk. Dat was niet omdat het bedrijf met zijn bruin- en steenkool zo’n enorme CO2-uitstootvervuiler is, maar eerder omdat weinigen zitten te wachten op Duits gas. Dus gewoon de naam niet voluit noemen (of tot naamsverandering overgaan).
– Nasynchroniseren. Dan koop je nog steeds wel een Duits product, maar je kunt het tenminste niet horen. Zie verder onder NASYNCHRONISEREN.
Vergeet niet dat al sinds 2014 de autoverkoop in Nederland voor bijna 40% uit Duitse auto’s bestond; dat is meer dan het aandeel van Franse en Japanse auto’s samen. In de jaren vóór 2014 was dat nog niet zo. Ook in de witgoedsector (AEG, Siemens, Bosch, Braun, …) hebben Nederlanders wel het nodige vertrouwen.
– Aangepast taalgebruik. Laat een Duitse Opelverkoper ‘gewoon’ Nederlands praten en hem met een soort Prins-Bernhardstemmetje het misplaatste understatement  maken “Duitsers maken geen grappen“. Dan heeft ieder het zijne. Klinkt beter dan “Jedem das Seine”.

GRATIS: Wat je allemaal niet kunt krijgen voor 0 cent: een brochure, een hoortest, 2+1 gratis. Maar gratis geld bestaat niet, dus het komt je duur te staan. Als er al iets gratis is, is dat alleen maar als je eerst of daarbij iets anders koopt en betaalt. Tijdens een reclameblok op NPO2 van 24 november 2019 telde ik zes spotjes waarop iets zogenaamd gratis werd aangeboden. Te vrezen valt dat voor die bedrijven een onafwendbaar faillissement dreigt.

GRIEKS-LATIJN: Omdat adverteerders weten dat het gemiddeld niveau van de kijker op of onder dat van havo ligt, is het gebruik van Grieks en Latijn uiterst effectief. Geen kijkershond weet wat het betekent, maar het klinkt gewichtig, intellectueel, wetenschappelijk en alleen daarom al betrouwbaar. Hydraterend is er zo een; zie aldaar. Echinaforce, van het echinacea-kruid, is er ook zo eentje; die zou dus ook rodezonnehoedkracht kunnen heten, maar dat verkoopt niet.

HAMSTEREN: In de Toelichting  op de BB-brochure “Wenken voor de bescherming van uw gezin en uzelf” uit 1961 staan onder meer de volgende wijze woorden, in aangepaste ambtelijke taal over Uw IJzeren Voorraad, voor het geval de atoombom valt en U met Uw Gezin onder de eettafel bent gekropen tegen de radioactieve straling van een atoombom, of onder de trap een schuilplaats hebt gevonden. Of voor het geval de Russen komen (maar bedenk in die omstandigheid dat zij U zullen vinden en zij Uw IJzeren Voorraad zullen confisceren en consumeren – niet voor niets hebben zij ook al een IJzeren Gordijn opgetrokken, weliswaar gelabeld “Made in West-Germany“, maar dat was om U te misleiden):
Te hopen valt dat AH in komende reclamespotjes over HAMSTEREN!!! dit nog eens goed in ieders oren knoopt. Bedenk daarbij wel dat, de inflatie indachtig, voor gepensioneerden, autobezitters en huurders ƒ 1,00 gelijk staat aan € 1,00, maar wellicht kunt U met Uw bonuskaart daar nog wat op bezuinigen.
Op één punt hadden de Wenken voor eerste hulp gelijk: voorop prijkt het advies:
– blijf kalm
– eerst denken
– dan doen
Neem dat mee als je in de super rondloopt of naar STER-reclames kijkt.

HERHALING: Uitermate irritant en minachtend. Denken ze daargids dat de kijkers in doorsnee dement zijn? Of anderszins vergeetachtig? Of als leerlingen in de klas niet goed hebben zitten opletten? Op mij maakt het hervertoon van een spotje tijdens één reclameblok een indruk van opdringerigheid, van ellebogenwerk, van indoctrinatie, van hijgerigheid. Zolang STER-reclame niet wordt afgeschaft, moet het toch minstens worden verboden tweemaal binnen één blok in beeld te komen.
Op zich is herhaling geen taalvorm, maar wel een stijlfiguur: repetitio; bis repetita manent. Als je maar vaak genoeg iets zegt, wordt het uitindelijk nog geloofd ook. Ene Hermann G. ( † 15 oktober 1946, Nürnberg) kon U daarover van alles duidelijk maken.

HETERO: Het schijnt dat bepaalde soorten producten beter verkocht kunnen worden als er een piemelstijvend heterosausje overheen wordt gespoten. Niet alleen bij hippe drankjes, waarbij je nogal gauw op de versiertoer kunt gaan, maar opmerkelijk genoeg ook bij automobielreclames. Het komt mij voor dat die combinatie de bestuurder/-ster afleidt van de primaire rijtaak: geen ongelukken maken op weg van A naar B.

Dat seksistische gedoe op tv begon al jaren geleden met een spotje voor de Renault Mégane, waar zelfs op de Nederlandse tv de aandacht werd gevestigd op Le Derrière, alsof de uitlaatzijde van een Mégane een vrouwenkont symboliseert.
Intussen is nu mijn grootste irritatie een spotje waarbij pa heeft afgerekend bij het Esso-tankstation en dan in zijn auto zijn (?) dochter op de achterbank zit met naast haar een bloedmooi jongetje met donkere zonnebril op. Pa is nog verbaasd en verschrikt ook. Maar aan het einde van de spot zien we het jeugdige dartele stel in een disco. Esso dus. Pomp dat er maar in. Zie voor nadere toelichting en filmbeelden mijn ESSO-woede. De irritatie over deze reclamespot berust op mistens drie gronden:
A) De associatie die wordt gewekt (zie bovenaan dit artikel) is volstrekt misplaatst; er bestaat geen logisch verband tussen autobrandstof en een liefdesaffaire tussen jongeren.
B) De vraag is of er in het filmpje sprake is van ontoelaatbare en/of ongewenste kinderarbeid.
C) Het rolbevestigende karakter van de STER-spot is kwetsend. Een tankstation is geen legitiem podium voor hetero-educatie van de jeugd.

Turkish Airlines kan er ook wat van. Nog los van het feit dat hun reclamecampagne van eind 2019 is nagesynchroniseerd (zie onder NASYNCHRONISEREN) wekt de spot de indruk dat Turkije alleen uit aantrekkelijke dames bestaat waar ook verwachtingsvolle dames op af vliegen. Dat lijken ze te hebben gejat van de Israelische VVV die in de periode daarvoor Europese mannen poogde te verleiden naar Israel te gaan omdat dat vol zit met gastvrije vrouwspersonen. Alsof het puur mannen zijn die de vakantiebestemming bepalen en de reis betalen, alsof zij hunkeren naar een weekje te worden ondergedompeld in feminiene weelderigheid, alsof het er niet toe doet welk Verweggistan je bezoekt, als het maar een Lustoord van Lekkere Wijven is. Let vooral ook op de tafeltjes op de achtergrond, waar mannen hun uiterste best doen hun(?) vrouwen richting Turkije te bewegen.

HYDRATEREND: Klinkt indrukwekkend, “een kwart hydraterend“. Kan iemand mij uitleggen wat het betekent? En of een kwart hydraterend beter of slechter is dan een half of een achtste hydraterend? Het gebruik van Griekse of Latijnse (pseudo-)medische terminologie verkt overrompelend op tv-kijkers die nooit verder dan het havo zijn gekomen.

KAN: Weer een mooi staaltje valse argumentatieleer: “Als [situatie x], dan KUNT u [product y] gebruiken“; “Veel mensen hebben last van [aandoening x]”, of: “Heeft u ook zo vaak [onprettig gevoel x]? Daarbij KAN [product y] verlichting bieden. De reclamemaker dekt zich juridisch in, maar de kijker weet zich zo goed als verzekerd van het vast wel hebben van aandoening/onprettig gevoel x (“gezien op tv!“) en meent dus dat het aangeboden product absoluut noodzakelijk is. De onbewezen generalisatie “veel mensen” appelleert aan het onjuiste “iedereen, dus ook jij“. Het “kan” impliceert in feite dat het ook niet kan, maar de klant is al op weg naar de drogist.

KLEINE LETTERTJES: Tal van reclamemakers bij de STER nemen het begrip “kleine lettertjes” wel èrg letterlijk. In een piepklein tweepuntslettertje worden onderaan, liefst tegen een slecht contrasterende achtergrond, gedurende zoiets als 1½ seconde de al dan niet wettelijk verplichte meldingen en nare voorwaarden geprojecteerd die geen normaal mens tot zich kan nemen. Dat is in de gedrukte pers ook wel zo, maar daar heb je tenminste nog de mogelijkheid er 1½ uur en met behulp van een loep naar te turen.

Ik geef twee voorbeelden:

Dit soort consumentenvoorlichting wekt de schijn dat de verkoopbelusten er allerminst om zitten te springen de waarheid onder de aandacht van de consumenten te brengen. Het lijkt me een taak van de Reclame Code Commissie. Volgens de Nederlandse Reclame Code mag immers een reclame het publiek niet misleiden en daar rieken die minuscule kleine lettertjes in hun onleesbare flitsprojectie wel naar. Zie https://www.reclamecode.nl/nrc/ voor de geldende regeling in Nederland.

KORTING: Als alles (tijdelijk) zoveel goedkoper kan zijn, duidt dat ofwel op een uitloopproduct, of een industrieel wanproduct, of ons is altijd te veel berekend voor dat product. Doordat er nu opeens korting wordt verstrekt, weten de klanten dat zij tot dan toe altijd te veel hebben betaald.

LACHEN: Lachen onder het douchen. Lachen onder het koken. Lachen onder het stofzuigen. Lachen bij verminderd urineverlies. Lachen bij het nemen van voedingssupplementen of vitaminepreparaten. Lachen in de achtbaan. Lachen als Prof.Dr.Ir. Tado je een nieuwe gadget wil aansmeren. Een lachende Sunwebvader die aan de Turkse Rivièra zijn wel zeer minderjarige dochter aanreikt. En ik herinner me nog die bulderend lachende bestuurder van een Fiat Panda; nieuw is het allemaal niet. Wat leven we toch in een gelukkig, ofschoon belachelijk land.

Reclametechnisch zit er wat achter: wie lacht, is vriendelijk gestemd. Als jij met iemand in contact komt die lacht, kun je goede bedoelingen verwachten. Als dat lachebekje jou iets aanprijst, zal dat dus wel au quai (=okay) zijn. Dus maar lachen voor de camera, en daarna dubbel lachen om de verdiensten.
Lachen is non-verbale communicatie en dus ook reclamejargon.

LEUGEN: Echte, regelrechte leugens kom je in de reclame niet veel tegen. Die zouden tot processen en andere narigheid leiden. Maar suggesties, allusies, het verzwijgen van belangrijke informatie, bepaalde associaties en dergelijke zitten er niet ver vandaan als het gaat om consumentbeïnvloeding. Enfin, lees bovenaan dit bericht de elfde stelling er nog maar eens op na, alsmede alles wat daaronder staat.

MAAR: Het omgekeerde van TOT WEL (zie aldaar). Je verwacht een veel hoger bedrag en nu word je blij verrast met een weggevertje. Synoniem: SLECHTS.

Maar pas op! NOG MAAR spoort aan tot overhaaste beslissingen. Zo reserveerden wij via het Amerikaanse booking.com ooit eens een kamer in het Belgische Fort Lillo. We moesten er gauw bij zijn, want de site meldde: “Nog maar 1 kamer beschikbaar“. Wij schrikken; alle verdiepingen volzet op één ongetwijfeld klein kamertje na met zicht op het buitenhangende wasgoed van de achterburen en een gedeelde douche op een andere verdieping. Eenmaal daar aangekomen bleek het etablissement welgeteld over één kamer te beschikken. Het bleek een kamer met eigen sanitair en met exclusief gebruik van de aangrenzende grote salon. Booking.com had dus net niet gelogen, maar dat nog maar suggereert iets heel anders.

MISLEIDING: zie LEUGEN 

NASYNCHRONISEREN: Er bestaat een onderzoek uit 2018 van de STER dat aantoont dat Nederlanders in overgrote meerderheid nagesynchroniseerde reclamespots weinig betrouwbaar vinden. Of het nu gaat om stinkende wasmachines, verwarmingstoestellen (“Eerst was er vuur…“, Tado-spotje), vrouwen in blijde verwachting van een vakantie in Turkije, of gezondheidspillen als het Noorse Vitæpro. Ik vermoed dat dat heeft te maken met de Nederlandse traditie om films nooit na te synchroniseren, maar te ondertitelen, terwijl Duitsers en Fransen juist vinden dat ondertitels de aandacht van het beeld afleiden. En ik vraag me af of dit betrouwbaarheidsverlies niet groter is dan de besparing bij de productie van dat soort spotjes. Ik vind ze in ieder geval niet om aan te horen.

NOG MAAR: zie MAAR

NU VOOR: zie KORTING

OOIT: Specsavers heeft enkele malen per jaar “de beste aanbieding ooit“. De Bankgiroloterij spreekt van “de grootste prijzenpot ooit“.
Niet vermeld is wat ooit betekent: is dat “vanaf het begin van onze jaartelling tot nu“, of “vanaf nu tot in het alutre“? Of beide?
Versluierend en hoe dan ook: niet waar. Maar als klant mag je dit dus niet missen…

OUVERTURE FACILE: Op veel in overvloedig plastic verpakte artikelen in Franse supermarkten prijkt in een hoekje de behulpzame mededeling “ouverture facile“. Het is niet alleen VARA’s Kassa dat ooit eens een panel van consumentenexperts losliet op een aantal verpakte artikelen die zij vervolgens niet binnen 2 minuten open kregen. Als je dus een dergelijke mededeling ziet, dan weet je al hoe laat het is: dat krijg je met geen onmogelijkheid open (zonder hamer en sikkel, mes en schaar). Er zit een smerige gedachtengang achter deze hoekmededeling: mocht het onverhoopt zo zijn dat je de verpakking niet geopend krijgt, dan ligt dat dus aan jou, kluns-consument. Ze hadden je er nog zo voor gewaarschuwd dat het makkelijk is!

RIJM:Het is weer zover bij Expert”. Of: “Ga nu dus snel naar huppeldepup punt nl”. Niveau van de tegeltjes die op de wc bij taalminvermogenden hangen. “MoneYou. Geen gedoe”. Tot op de wc blijven dit soort ondermaatse rijmelarijen door het hoofd gieren.

SCHREEUWEN: Vroeger dachten we dat als een Turk je slecht verstaat, je gewoon veel harder en in ‘aangepast’ taalgebruik moet gaan praten, totdat Koot en Bie dat in 1984 doorprikten. Zie  HIER

Mijn ervaring is steeds een andere geweest: als iemand het spreekgeluid harder zet, is de inhoud van de boodschap zelf kennelijk niet hard genoeg. Hoog volume maskeert de lage inhoud, in de hoop dat klanten er toch maar intrappen. Doet zich vooral voor bij tv-reclame voor loterijen en brillen (vreemd genoeg niet voor hoortoestellen); hoor bijvoorbeeld René Froger voor Aj Luf of Hadewych Minis voor Kruidvat en Social Deal.
Ik schijn niet te enige te zijn die zich eraan ergert. Voor mij was het afdoende reden nooit meer een Kruidvatwinkel binnen te gaan. En nu mevrouw Minis is afgedaald tot Social Deal, kan ik haar adviseren nog iets verder door te zakken naar Omroep Max. Dan heeft ze ook qua ambiance het absolute dieptepunt wel bereikt.

SLECHTS: zie MAAR

SNEL: Er zijn twee reclameargumenten om het koopmoment niet uit te stellen. De eerste is dat je na enige tijd de reclame bent/hebt vergeten en weer met iets anders bezig bent. De tweede is dat van het aangeprezen artikel of de lopende actie niet lang meer kan worden geprofiteerd. “Waarom niet nu?“, om maar per direct een cruise te boeken, hoewel je daar eigenlijk nog helemaal geen zin in had. Misschien wel nooit, maar dan hoor je er dus kennelijk niet bij. Het hele jaar door moeten we ons bezighouden met een vakantietrip in een volgend seizoen. Vroegboekings, heet dat dan in verminkt Nederlands. Daar moet je dus snel bij zijn, vanwege de oncontroleerbare korting.

SOCIO: Dat reclamemakers hun woordkeus aanpassen aan de doelgroep is begrijpelijk. De sociolinguïstiek weet daarover veel te melden. Maar een bijkomend niet onbelangrijk aspect is de woordklank. Nu is fonetiek binnen de taalwetenschap en zeker het taalonderwijs al heel lang een ondergeschoven kindje; reden waarom ik daarvoor graag meer aandacht vraag.

Het zit hem niet voornamelijk in de klinkers, zoals Maarten van Rossem beweert; hij ergert zich terecht aan verschijnselen als Gezond en lekker eten zonder te kauwken zoals in de spot van Uitgekauwkt.nl. Maar meer nog zit het in de medeklinkers, met op plek 1 de Gooise-[r] en de (overigens prachtige) Marokkaanse [z], die ik maar niet kan nadoen. En daarnaast is er de spreekstijl die past bij de doelgroep. Naast het VVD-stemmetje van wijlen Peer Mascini -al ontgaat mij het directe verband tussen de VVD en zuivelproducten- hebben we een hypercorrecte ABN-spreekstem bij Seniorservice.nl en bij sommige bedelspotjes voor zielige ezels, negers, ondervoede kinderen en circusolifanten. Ook het would-be rappen bij ASR-spotjes irriteert mateloos. Het is als Sybrand Niessen die bij de Max Pubquiz volkomen clownesk uit de toon valt. En dan hebben we ook nog “Univé – suppohtu van NOS Studio Spojt“. Ik dacht dat het alleen John Bercow was gegeven de [r] niet uit te spreken…

SUCCES:Wegens succes verlengd“. Dat is nog maar de vraag. Scroll maar even verder naar VERLENGD.

TIJDELIJK: Als een actie tijdelijk is, is mijn spontane reactie: wacht dus maar tot die voorbij is, want daarna komt er een die nog aantrekkelijker is. Natuurlijk kan het ook zijn dat ze van uitloopmodellen of winkeldochters af willen of van exemplaren waarvan de tht-datum op het randje is, en die daarom zo snel mogelijk willen dumpen. Kocht ooit eens een verpakking met tubes lijm, mede omdat er een kortingbon op zat van € 3,00 via internet te verzilveren. Maar die actie was al maanden verlopen…
Alles in het leven is tijdelijk, maar in de reclame is het een uitnodiging tot snel handelen en kopen en betalen. Zie ook onder OOIT.

TOT WEL:Tot” bij kortingen slaat op het bedrag dat je dus nooit zult verwerven; lees de kleine lettertjes en andere voorwaarden er maar op na. De toevoeging “wel” moet je ervan overtuigen dat dat bedrag welhaast boven verwachting en onwaarschijnlijk is. En dat is het dan ook.

VANAF: De smalle beurs wordt verwend met nog net betaalbaar lijkende lokkertjes. Die ergerlijke vanafprijzen zijn utopieën. Denk niet dat je voor dat bedrag je gedroomde aankoop verwerft. “Lees de voorwaarden“, denk aan de kleine lettertjes. Ben je eenmaal in de winkel voor die verbluffend lage vanafprijs, dan word je vanzelf een paar treden hoger geleid en ga je eraan voor iets waarvoor je aanvankelijk stichtelijk zou hebben bedankt.
Mijn eis: producenten vermelden geen vanafprijzen meer, maar uitsluitend prijzen “van … tot …“. Dan kun je je eigen marge en budget beheren.

VERLENGD: Het omgekeerde van TIJDELIJK. Wordt vaak gebruikt in verband met bepaalde acties en theatervoorstellingen e.d. Natuurlijk kan het zijn dat de productie zo goed loopt en overtekend is, dat het voor de producent aantrekkelijk is er nog een seizoen aan vast te knopen. Maar het tegenovergestelde kan ook het geval zijn: de belangstelling viel zó tegen, dat het verlengen van de uitvoeringperiode economisch interessanter is dan ermee stoppen en het verlies nemen. Maar hoe het ook zij: het aankondigen van een verlenging wordt gebracht als een bewijs van kwaliteit. Of je er dus nou eindelijk maar eens naar toe wilt gaan…

VOORKÓMEN: Uw wasmachine stinkt. Eigen schuld. Had je maar eerder Calgon (of welk ander middel dan ook) moeten gebruiken. Maar deze mededeling is wat frustrerend, want kennelijk is het al te laat. Dan hoef je er dus ook geen expert/monteur in witte jas bij te laten komen, want die verhelpt de kwaal ook niet. Intussen is er, langs de lijnen van de argumentatieleer, een misleidende link gelegd: “als je wasmachine stinkt, moet je Calgon gaan gebruiken“. Dat is dus niet waar. In zulk geval kun je er beter een liter chloor in gooien à € 0,59 (zonder voorrijkosten). En ook Calgon helpt niet tegen die “tot wel een halve kilo” opgehoopt vuil. Om dat te voorkomen moet je de machine met enige regelmaat aftappen en het zeefje reinigen. Kost niks, alleen een beetje tijd en misschien vuile handen.
En luister goed: er is geen sprake van verhelpen (dus na afloop), maar van voorkómen (wat dus al te laat is). Zinloze commercial dus.

WEL: zie TOT WEL.

WETENSCHAPPELIJK: Om een spotje de allure te geven van een wetenschappelijk aangetoond waarheidsgehalte trekt die (overigens sowieso uiterst onaantrekkelijke en irritante) Duitse Tado-meneer een witte jas aan. Wat heeft die witte jas in Gottes Namen met een modieus verwarmingsgadget te maken? Iets dergelijks geldt ook de monteur die het domme blondje komt uitleggen dat haar wasmachine stinkt doordat ze geen Calgon heeft gebruikt. Een witte jas is geen garantie voor reine waarheid, laat staan voor wetenschappelijke waarde.

WIELEN: De onuitwisbare modegril van de autoreclame: het voorbijrijdende model heeft achteruitdraaiende wielen.

IK WIL GEEN ACHTERUITDRAAIENDE WIELEN, ik wil vooruitdraaiende wielen, mocht ik nog eens een auto kopen; anders kom ik nooit waar ik wezen wil. Kia grossiert erin, maar ook Seat en andere merken lijden aan het waanidee dat achteruitgang een vooruitgang is. Wie logisch nadenkt, begrijpt bovendien dat achteruitdraaiende wielen niks, maar dan ook absoluut niks zeggen over de kwaliteit van de betreffende auto, en puntje bij paaltje ook niks over de uitstraling van dat model.
Vooruit met die wielen.

ZONDER: Vreemd. Consumenten willen weten wat er in zit, en sinds enige tijd krijg je prominent te lezen wat er NIET in zit. Zonder suiker. Zero sugar. Zonder conserveermiddelen. Met 25% minder zout. Glutenvrij. Loodvrij. Vetarm. Zonder pit. Zonder palmolie. Alcoholvrij. Zonder toegevoegde kleurstoffen…
En wat is nou het leukste: al die eetwaren met ZONDER erin, blijken vaak duurder te zijn dan die met MET. Is dat gezonder?

Andere 36 voorbeelden komen misschien nog wel een andere keer. Eerst even bijkomen.

 

 

Synergie

Een paar weken al ben ik bezig aan het samenstellen van een artikel over jargon in de reclame op radio en tv, en de manier waarop daarmee de koopwoede van de consumisten wordt aangezwengeld. Het zal ook nog wel wat weken duren voor dat artikel publicabel is. Daarom nu eerst even een zijsprongetje, al even dieptriest: een STER-tv-spot voor Esso Synergy. En klik maar op bovenstaand plaatje voor de achterliggende ware bedoeling van Esso.

Een Franse reclametekst van Esso formuleert het als volgt: “Un nouveau look Esso Synergy pour les stations-service : une signature visuelle moderne et dynamique pour satisfaire toujours plus d’automobilistes.“. Modern dus, en dynamisch, en om steeds meer automobilisten te bevredigen.
Synergie duidt op een geheel dat meer is dan de som der delen, net zoals ze dat bij het CDA of bij Groen Links bedachten. Stop dat maar in je tank, of in je broekzak, of in nog iets anders.
Kijk eerst eens naar het spotje zelf, dat op YouTube is te vinden, en lees dan verder.

Het verhaal: een niet onbemiddelde Mercedesbezitter met een Willem-Alexanderbaardje stopt de slurf van de Esso-dieselslang in zijn limousine. Geduldig wachtend ontwaart hij op de achterbank een bloedmooi meisje en een al even bloedmooi jongetje, hand in hand met de autogordels om. Man verbleekt. Is hij de vader van dat meisje? Van dat jongetje? Ze gaan wel op chique, zo te zien. En waar is moeder? Moeders zien alles. Hoe oud is dat verliefde stelletje eigenlijk, voordat we de Wet op de Kinderarbeid erbij moeten pakken?

Een fractie later zijn de poppen aan het dansen. Meisje glundert van verlangen. Jongetje is alvast in aanvalstenue: zonnebril op, vlinderstrikje weg, bovenste overhemdknoopjes al open. Van rechts verschijnt pa in beeld. De knipoog van jongetje van over zijn zonnebrilglas heen verraadt zijn voze intenties. Waarin zal hij straks zijn slurf stoppen? Wil hij wellicht synergie gaan bewerkstelligen? Wat moet die oude man trouwens in een dancing? Het blijkt een (angst-/wens-)droom te zijn, want direct daarop richten zijn boze blikken zich weer op het jongetje op de achterbank, dat als betrapt stuurs voor zich uit kijkt. Was me dat even een vluggertje. De luxe Mercedes rijdt weg en ik snap het verhaal niet.

Waarmee ik in ieder geval bedoel te zeggen dat ik geen enkel verband zie tussen jeugdige verliefdheid en motorbrandstof. Of tussen Esso en boze vaders wier educatieve vermogens mij niet helder worden. En of ik, na het zien van dit minifamiliedrama voortaan bij de Esso met zijn jeugdig, modern en dynamisch elan ga tanken in de hoop een lekker verliefd jong stelletje op mijn achterbank aan te treffen voor een synergetische toekomst? Ik denk van niet.

Er is al genoeg om je druk over te maken, begrijp ik uit het STER-spotje. Bah.

Finale

Een finale is een eindspel dat je kunt winnen of verliezen. Scherper gezegd, om het sentiment rond finalewedstrijden bij ijshockeytoernooien te citeren: “You lose the gold, but you win the bronze“. Ik ga voor brons, want ik ben een slecht verliezer.
In november 2012 begon ik met het publiceren van mijn weblog. Inmiddels staat de teller op 343 artikelen en 377 reacties. Het is een mengeling van feiten en meningen, ernst en luim, ver- en bewondering, humor en wetenschap, ergernissen en voorliefdes.

Natuurlijk was het mijn opzet mijn bevindingen en opvattingen, luchtig, maar vaker kritisch, kenbaar te maken aan wie ze wilden lezen of niet. Over taalkunde, politiek, films (alleen de betere, niet van die bagger uit Amerika, dus alleen met name  Spaanse, Duitse en vooral Italiaanse, d.w.z. Pasolini), jeugdherinneringen, muziek, de Abdij van Beaulieu, sport, literatuur, verkeer en vervoer, Sint Sebastiaan, het leven op het Franse platteland met al het bijbehorende verbouwen in huis en op het land, een aantal necrologieën,… In die zin heeft het ook wel gefunctioneerd, denk ik.

Jammer genoeg loopt soms een project stuk of spaak, of vertraging op, maar dat is een ernstig en verwerpelijk zeugma. Sorry.

Zo ligt mijn bemoeiing met Beaulieu  (zie beaulieu-1-van-vele voor het eerste bericht uit de reeks van vijf artikelen) al ruim een jaar stil, eigenlijk alleen doordat de Amerikaanse mevrouw wier eigendom het hele domein is, al die hele tijd niets meer van zich laat horen, niet reageert op mijn vele (aangetekende) brieven en mails, en doordat de gendarmerie mij op het hart drukt dat ik zonder door haar geschreven en geauthentificeerde uitdrukkelijke toestemming het terrein niet mag betreden, laat staan er werk verrichten of spullen in veiligheid brengen. Misschien is ze wel dood, of laat ze de boel de boel. Dat anderen intussen ongehinderd naar binnen kunnen en de halve kiet leegroven, is kennelijk geen bezwaar.

Ook mijn jongste project zit in de ijskast, zo het geen diepvries wordt. Ik ben halfweg met het schrijven van een omvangrijke studie waarin ik de parallellen beschrijf tussen Pasolini’s laatste twee films. De meeste van de 28 aspecten van die overeenkomsten heb ik al af, maar ik kan niet verder zonder diepgaande medewerking van het Centro Studi-Archivio Pasolini in Bologna voor tekstmateriaal en foto’s. Na hun aanvankelijk enthousiaste reacties hoor ik opeens al een tijdje niks meer.

En tot nu toe buiten de weblog om ligt mijn taalwetenschappelijk artikel over het verschil tussen ‘geven’ en ‘nemen’, met al zijn consequenties voor het voorzetselgebruik, al circa twee jaar op de plank te verstoffen. Ondanks de hulp van de universiteiten van Leiden en Gent lukt het me nog steeds niet een paar weken achtereen ongestoord te kunnen werken aan een drastische revisie van mijn concepttekst.

Een achterliggend doel van mijn weblog was van meet af aan ook om te dienen als een steeds aangroeiend archief en als documentatiemateriaal voor eigen behoef, zeg maar als mijn testament. Niet het echte natuurlijk, want dat ligt te bestemder plekke veilig opgeslagen, samen met mijn NVVE-wilsverklaring. En mocht de natuur mij te vlug af zijn, ook goed. Aisi soit-il. Maar wel als een scala van blijken van de veelzijdigheid die kenmerkend is voor een docent Nederlands.

Ik doe bar weinig dingen zo maar, of per ongeluk. Niks geen niemendalletjes. Ik ben geen vermakelijkheidsinstelling. Veel van mijn woorden, zinnen, artikelen bevatten dubbele bodems en vereisen meervoudige lezing. Simpel voorbeeldje: mijn beeldmerk (niet: logo, want een logo bevat de bedrijfsnaam; ‘logoV‘ betekent ‘woord’) dat hier bovenaan staat afgebeeld, en tevens de vaste achtergrond van al mijn artikelen vormt en van mijn visitekaartje, kun je van twee kanten bekijken: kantel je je hoofd een klein beetje naar links, dan heb je de horizontale Franse tricolore blauw-wit-rood; kantel je je hoofd meer naar rechts, dan staat er de verticale Nederlandse driekleur rood-wit-blauw. Maar nog steeds weet niemand waar ik het concept vandaan heb. Het is uit het Parijse Musée d’Orsay, en daar is lang aan gewerkt.

Vasthoudend ben ik wel, zo nodig met het geduld van een katachtig roofdier dat op zijn prooi loert: ik ben weinig toeschietelijk als het gaat om irritante taalfouten, of als ik mij erger aan de manier waarop wij allen door slinkse, infantiele reclame en asocial media worden besodemieterd en uitgebuit, of als ik dreig te worden meegezogen in modieuze, soms hufterige hypes waar velen als kippen zonder kop achteraan hollen, zoals bijvoorbeeld het wurgende en mensonwaardige neo-puritanisme.

Ook blijf ik mij met kracht verzetten tegen kwebbelboxen als whatsapp en twitter. Als je al meent iets de wereld kond te moeten doen, denk dan eerst eens rustig na over een passende en gepaste inhoud en over een daarbij behorende passende en gepaste taalvorm in hele, correcte, Nederlandse zinnen. Dus zonder kretologie en luchtbellen en beweringen waarvan je zelf de waarheid en werkelijkheid niet onomstotelijk kunt aantonen. Daarmee voorkom je oeverloos gezwets en zweefgezwatel en taalverloedering en vertrossing van ons denken. Veel berichten winnen aan kracht en informatieve waarde als je er eerst eens een nachtje over hebt geslapen. Soms wel twee.

En ik ben niet, in ieder geval niet meer, in de race om ongetwijfeld met goede bedoelingen verstrekte adviezen te aanhoren, al dan niet van medische zijde, die mij, voor mijn gezondheid en onbezorgde oude dag (vertel dat het ABP maar), achter de geraniums willen opbergen, mij van de genietingen des levens te laten beroven en mij op een dieet van worteltjes en sla als een konijn te laten vegeteren, mij 2x daags door de ADMR-dames op staatskosten te laten wekken, douchen, aankleden, die de vloer voor mij aanvegen, de kat te eten geven, wekelijks de vuilnisbak aan de stoeprand zetten en de 18 bellen als ik dat zelf niet meer kan of hoef. Evenmin, in ieder geval niet meer, om als een soort horecabedrijf jan en alleman hier gastvrij te onthalen die ‘toevallig’ en route toch net in de buurt is en zich ongevraagd een gratis diner, overnachting en ontbijt laat welgevallen. Ik ben geen sociale instelling. Net als met eten ben ik kieskeurig in mijn uitnodigingen en er zijn er genoeg die ik liefheb, met een sociale instelling.
Anderen kunnen terecht bij Au Lion d’Or = Au lit on dort of bij Het Hijgende Hert.

Waar ik mij verder mateloos aan erger of van walg:

  • honden;
  • bekrompen dorps- en boerenmentaliteit;
  • schurkenstaten als de USA en Israel en nog zo’n paar;
  • vis en kip (“geen veren en geen schubben“);
  • een automobiel van Japanse makelij (geldt voor mijn hele familie; zie het begin van mijn automobielshow);
  • ja zeggen en nee doen;
  • injecties;
  • de vernietiging van de PSP;
  • inhalende vrachtauto’s en caravans en sommiger mensen rijgedrag (niet uitsluitend vrouwen en bejaarden);
  • mensen die medelijden hebben met mensen die anders denken.

En valt er misschien dan ook nog wat positiefs te melden? Wel zeker:

  • van al mijn gezondheids-/ouderdomskwalen zijn er inmiddels enkele afdoende gerepareerd, andere onder controle en een paar nog te bevechten;
  • in 2019 zijn er in huis enorme stappen gezet met uiterlijk, comfort, isolatie en verwarming;
  • ook in 2019 belooft er een goede oogst aan te komen, kruiden, groenten, aardappelen, alleen wat minder fruit, schijnt het;
  • het aantal goede contacten dat ik heb en weet te onderhouden, met sommigen al meer dan 60 jaar lang, is uitermate bemoedigend;
  • dankzij mijn voortreffelijke camera heb ik hier in de buurt tussen 2017 en 2019 de schoonheid van het verval (“La beauté du délabrement“) in een fotoreeks kunnen vastleggen; gebouwen, landschappen, vervoer…; omdat het mp4-bestand van 8½ minuut te groot is, ± 265 Mb, heb ik het op youtube gezet. Bekijk het HIER, maar alleen op een groot scherm; op zo’n lullig minuscuul telefoonschermpje blijft er noch van de schoonheid, noch van het verval weinig over, en evenmin van de Vexations van Erik Satie die ik eronder heb gezet –  zonde van al het werk dat ik erin heb gestoken;
  • elke dag leer ik weer wat bij.

Voor de goede orde: reacties op dit artikel stel ik niet op prijs. Gelezen of ongelezen bereiken ze linea recta hun finale bestemming in het ronde archief. Ze worden hoe dan ook niet gepubliceerd.

Ik heb gezegd. Ik ga voor brons.

Beste PVV-spot ooit

Hoera. De PVV is erin geslaagd een tv-spot te produceren die ik met afstand de beste ooit vind. Hij is nu uitgezonden in de aanloop naar de Provinciale-Statenverkiezingen van 20 maart.
Wilders kon het niet beter treffen. Helmond. Regen. Provinciaal. Dranghekken. Daar kan geen Rutte tegenop. “Een hele goede morgen!“, zou Buma zeggen.

Zo te zien is het spotje opgenomen in Helmond (“Gerard van Hal Fotografie, Kerkstraat, Helmond”; is dat gewenste en toelaatbare sluikreclame? Komt wel erg vaak prominent in beeld. Van Hal staat er fraai op!), modelgemeente voor Heel Blank Nederland. Nu alleen nog dat irritante getetter van de Fatih Moskee aldaar langs de Deurneseweg het zwijgen opleggen. Maar het allermooiste eraan is dat er geen woord in wordt gesproken. En dat is veelzeggend, want zwijgen is goud. Slaan zijn traditionele frasen niet meer aan? Is hij met stomheid geslagen? Willen de massaal toegestroomden (er is immers tv bij, en veel politie!) er geen woord meer van horen?

De spot zit geraffineerd in elkaar. In beeld, met een al even nietszeggend deuntje als achtergrondmuziek, zien we voor 83% zenuwachtig om zich heen spiedende beveiligers. Verder veel zwijgende passanten. Ook veel kinderen, want die kunnen het weten, die een bord STEM RUTTE WEG omhoog houden, liefst op papa’s brede schouders gehesen. Ook vaak het Hoofd van Wilders, meestal van achteren, opdat wij de Boze Burgers recht in de ogen kunnen kijken van wie hij het moet hebben. Behalve natuurlijk als ze, om de door de PVV aangejaagde vanzelfsprekende (dus: verzwegen) eenheid tussen autochtonen en allochtonen te benadrukken: van allerhande komaf, een selfie willen maken en dan dezelfde geforceerde lachende pose aannemen als hun favoriete partijleider. Daarmee sniert hij in één klap Denk en Baudet van de buis. Best gevaarlijk: er hoeft er maar één idioot tussen te lopen die zwavelzuur uit zijn nepsmartphone kan laten spuiten; dan zijn al die kostbare beveiligingsmaatregelen voor nop geweest en is het land in rep en roer. Van jong tot oud; van nietsvermoedende peuter tot gekorte bejaarde, van blanke borst “die met eeuwenlang KEIhard werken Nederland groot heeft gemaakt” tot de meest verwenste kutmarrokaan die hier helemaal niet thuishoort. Mag ik u even spreken?
En ter afsluiting de Nederlandse driekleur in beeld: Rood: STEM 20 MAART. Wit: een verregende capuchon van een kleuter op Geerts afhangende schouder. Blauw: STEM PVV. 

STEM RUTTE WEG, het provinciale thema bij uitstek, te beginnen in Brabant. Maar ja, andere partijen gaan voor niets minder, en dus weet nu nog haast niemand hoe het provinciaal bestuur eruit ziet en wat het doet; en dus gaat wederom de helft maar niet naar de stembus. En al helemaal niet voor de Waterschapsverkiezingen. Niet in Helmond. Niet in de regen. Het grote zwijgen tot in het stemhokje.

Omdat geen hond natuurlijk naar de uitzending heeft gekeken, heb ik die maar op YouTube gezet.
Zonder stemadvies mijnerzijds. Ik mag niet eens stemmen.

 

 

Geen halve goede morgen

De Volkskrant van vanmorgen, op (taal-)pagina V15, was nog uitermate barmhartig door de jongste CDA-slogan “EEN HELE GOEDE MORGEN” te bestempelen als “leeg”. Dat is hij inderdaad, maar er is nog meer mis met die kreet van de Partij van Wakker Nederland.

Natuurlijk is het een loze kreet die moet dienen als motto voor de aanstaande verkiezingen. Iemand die irritantiter tegen jan en alleman “een hele goede morgen” loopt te tetteren is rijp voor verplichte, acute opname in een psychiatrische inrichting, en bovendien kan zo iemand, op grond van zijn welgemeende goede burgerzin (de positieve grondhouding van Lubbers 1982, ook CDA) bij de aanstaande verkiezingen net zo goed ChristenUnie stemmen, of SGP, of SP, of PVV, of 50+. Het zegt niets over iemands politieke geaardheid als diens buitenkant aardig lijkt te doen naar anderen die daarom helemaal niet hebben gevraagd.

Wat er nog meer mis is -en dit is zeer ernstig-, is de naar populisme stinkende taalfout door het verkeerde gebruik van ‘hele‘. Heb ik daar nou nog niet vaak genoeg op gewezen, laatstelijk nog in dit bericht ?
If you can’t beat them, then join them, moet Buma hebben gedacht: ik ga net zo kwekken als hun. Maar hij vertegenwoordigt een partij die pal zegt te staan voor fatsoen, voor normen en waarden. Maar de CDA-standpunten maken dat niet duidelijk, en nu belijden ze het ook al niet eens meer met de mond.

Zo glijdt het CDA niet alleen in de peilingen, maar ook in de eigen spotjes af naar een bedenkelijk niveau; dat van “as je maar begrijp wat er bedoelt word“.

Ik begrijp het.

De Eczeem Crème (slot)

Even dacht ik dat de firma Grahams na de publicatie van mijn vorige twee artikelen wijselijk had besloten het plaatsen van advertenties in De Volkskrant op te schorten; opeens zag ik die tekst niet meer verschijnen. Misschien was het advertentiebudget voor 2017 opgesoupeerd. Maar vandaag stond zij er weer, zij het in een andere opmaak: kleiner lettertype en meer witruimte. Daarvoor is Grahams te prijzen.
Bij nadere beschouwing bleek het echter louter om window dressing te gaan: de tekst was in het geheel niet aangepast.

Dat houdt in dat de 19 fouten die in de vorige artikelen waren geconstateerd er dus nog ongewijzigd in stonden. Sommige mensen zijn hardleers. Sterker nog, er was nog een twintigste bijgekomen, met dank aan een onvolwaardig afbreekprogramma. Zie bovenstaande afbeelding.

Ik vroeg aan de lezers om op de website van Grahams op zoek te gaan naar ook daar voorkomende taal- en stijlfouten; wie er minstens 25 vond, kon die mij per mail toesturen vóór 10 januari. De buit is groter dan ik al vreesde: 279 evidente fouten kwamen aan het licht, in de volgende verdeling:

2 http://www.grahams.nl/
20 http://www.grahams.nl/grahams
59 http://www.grahams.nl/producten
177 http://www.grahams.nl/ingredienten
4 http://www.grahams.nl/samples
16 http://www.grahams.nl/faq
1 http://www.grahams.nl/ervaringen
0 http://www.grahams.nl/verkooppunten
0 http://www.grahams.nl/contact

Ik ga die hier uiteraard niet allemaal noemen en verbeteren. Kijk en oordeel zelf maar.

Meer dan zorgelijk is het wel.

____________________________________

Vorige berichten:
http://nardloonen.nl/2017/12/10/de-eczeem-creme-1-van-2/
http://nardloonen.nl/2017/12/28/de-eczeem-creme-2-van-2/

 

De Eczeem Crème (2 van 2)

Ik had beloofd, na de advertentie van Grahams die ik veelvuldig in De Volkskrant aantref, ook de blik te richten op de website grahams.nl, op welke site het in taalkundig en stilistisch opzicht al evenzeer rammelt. Gelukkig meldt die site, onder het tabblad Disclaimer, dat “het is verboden informatie van deze website te kopiëren, te downloaden, publiekelijk te maken, te verspreiden en te vermenigvuldigen“. Dat bespaart mij enorm veel werk.
Je moet dus zelf op die site gaan kijken om je te overtuigen van mijn gelijk, en eventueel hun gelijk als het gaat om hun producten. Ik snap die disclaimer wel:
als je een dergelijk schrijfproduct nog gaat verspreiden ook, ben je al gauw medeplichtig aan het niveau ervan.

Ik hoef het dus hier niet met bewijsplaatsen en al te gaan hebben over de oeverloos vele taal- en stijlfouten op die site, de onophoudelijk voorkomende Angel Saksische misser om in het Neder Lands woorden los van elk aar te schrijven die in het Engels als twee woorden staan gepresenteerd, de enkelvoud-/meervoudfouten, de geslachtswaanzin (de eczeem in plaats van het eczeem), de op brugklasniveau en hoger voorkomende d/t-fout (betaling geschied in plaats van betaling geschiedt), het onverantwoorde gebruik van leestekens als komma’s, dubbele punten, aanhalingstekens, &c, de sluimerende, maar verdoezelende homoniemen, het uit PR-oogpunt verre van sterke gebruik van vaagheden als “veel mensen” en “hebben vaak last van“, het niet-onderbouwde generaliserende taalgebruik zoals “chemische producten zijn per definitie al slecht“, het  met “U” aanspreken van het lezerspubliek, maar regels later, nu we elkaar immers al goed kennen, tutoyerend overgaand in “je“, waarvan niet elke lezer bepaaldelijk is gediend, kortom allerhande zonden tegen lessen op de basisschool en het voortgezet onderwijs, en tegen hoofdstuk één van elke Nederlandse schrijverscursus.

Ik ga dat dus niet doen, maar laat het aan nu ongetwijfeld geïnteresseerde anderen over.
Voor diegene onder jullie (je, u, you, gullie) die mij uiterlijk op 10 januari 2018 als eerste vijfentwintig evidente fouten weet te mailen uit de teksten op grahams.nl, foute spelling, zinsconstructie, woordkeuze, kortom alles waar de rode pen aan te pas moet komen, heb ik een potje echte Chinese rode tijgerbalsem klaarstaan van 19,4 gram in originele en nog ongeopende verpakking. Online te koop voor Australische $14,64 (excl. verzendkosten), of elders voor Singaporese $3,60 plus $32,60 expres-verzendkosten naar Nederland.
Ik bied dit ene potje gratis aan. Levering in overleg.

ENG AUN TONG Red Tiger Balm Ointment. Tenminste houdbaar tot einde zie bodem. Vol met natuurlijke oliën, menthol, kamfer, cajaputi, en wat al niet.
Voor Een Brandende Huidsensatie.

(Ooit eens zo’n soort potje uit Bangkok gehad, waarbij een gebruiksaanwijzing in een 2-punts lettertje zat in zes talen. De Engelse tekst waarschuwde dat het not for internal use was, waarbij ik me wel iets kon voorstellen; de Franse vertaling meldde dat het heerlijk smaakte dilué dans le thé. Lekker warm gevoel, lijkt me, maar maar nooit geprobeerd.)

Ik wens een ieder een gloedvol 2018 toe.

______________________________________

Vorig bericht: http://nardloonen.nl/2017/12/10/de-eczeem-creme-1-van-2/

 

De Eczeem Crème (1 van 2)

Ik ben taalmissionaris. Wanneer ik spreek- of schrijffouten constateer, zal ik niet nalaten die aan de kaak te stellen en zo mogelijk te corrigeren. Trouwe lezers hebben mij al vaker ten strijde zien trekken tegen reclame-uitingen die de grenzen van het taalkundig betamelijke overschrijden, naar vorm of inhoud. Uitgangspunt daarbij is mijn adagium dat vorm en inhoud één zijn, dat wil zeggen: als de vorm niet deugt, valt voor de kwaliteit van de inhoud te vrezen. Ik heb vandaag de dag geen eczeem, maar mijn vingers jeuken en mijn ogen doen pijn. Hoog tijd voor Grahams Eczeem Crème.

De firma Grahams (www.grahams.nl) adverteert opvallend vaak in De Volkskrant met een zalf tegen eczeem. Zou zich dat slechts eenmaal voordoen, dan zag ik het wel over het hoofd en door de vingers. Maar nu de advertentie mij om de zo veel dagen onder ogen komt, is ingrijpen onvermijdelijk.
Het is mijn gewoonte alvorens tot een artikel over te gaan, hoor en wederhoor toe te passen, en dus contacteerde ik Grahams in Delft met de melding dat het aantal taalfouten in bedoelde advertentie, en ook nog eens op hun site, dermate storend is, dat ik hun adviseerde daar rap iets aan te doen of laten doen, en dat ik daarbij wel behulpzaam wilde wezen. Ik kreeg na die telefonische mededeling een reactie per e-mail, waarvoor Grahams te prijzen valt; vaak hoor je helemaal niks tot het kalf is verdronken en het artikel wereldwijd te lezen staat: “Wij zullen uw advies om onze advertentie en website te laten reviseren voorlopig even naast ons neerleggen. Wij vinden op dit moment dat de advertentie en de website aan onze standaarden voldoen. Met vriendelijke groet, with kind regards …“). Dat voorlopig is wat mistig, maar onze standaarden laten niets aan twijfel over: zo zijn onze manieren, want wij komen niet uit Nederland. Te hopen valt dat er met Grahams’ producten minder nonchalant wordt omgesprongen. Grahams is een in Nederland gevestigd bedrijf van Australische origine, althans geïnitieerd door een Australische bouwvakker, als ik de advertentie goed interpreteer. Niks mis mee. Maar dat laat onverlet dat op de Nederlandse taalkundige markt een gulden taalgebruik een daalder waard is.

Ik zal me nu eerst beperken tot de krantenadvertentie. Anders wordt het verhaal veel te lang, maar op grahams.nl kun je alvast een voorproefje nemen om te zien wat je op die site wordt aangesmeerd. In die advertentie constateer ik minimaal 18 taaloneffenheden, variërend van “minder gelukkig” tot “evident fout”. Wim Daniëls zou er wellicht nog meer vinden en aan hem de vraag wat erger is: deze advertentie of Het Koningslied. Ik loop dat achttiental eventjes langs, waarbij ik er met nadruk op wijs dat ik het product zelf niet ken -ik heb immers geen eczeem- en daarover dus ook geen waardeoordeel kan of wil uitspreken. Ik houd het dus wat dat betreft nadrukkelijk op bovengenoemd adagium.
Ik wil evenmin een oordeel uitspreken over de sfeer die de advertentie bij mij oproept. Die komt namelijk wel erg dicht in de buurt van de talloze mailtjes die ik krijg van een of andere zielige vrouw die, met een beroep op Gods goedertierenheid, vraagt hoe het met mij gaat en die mij deelgenoot wil maken van haar trieste familieomstandigheden, waarop vervolgens een verzoek volgt om een donatie per Western Union naar Nigeria of Oekraïne over te maken, dan wel mij wil verblijden met een of andere vage erfenis van dik anderhalf miljoen dollar (als ik maar eerst vooruit betaal) waarvoor ik hoogst persoonlijk ben uitverkoren. Als Graham die sfeer bij mij oproept, is mij dat best, maar ik heb het hier over taalkundige kwesties met voorbijgaan aan sfeerallusies. Daar gaan we:

  1. Wat doen die aanhalingstekens daar? Betreft het een citaat? Wie is er dan aan het woord? Of bedoelt de adverteerder aan te geven dat het zogenaamd zo is, maar in het echt niet? Dan kan de hele advertentie beter achterwege blijven. Zonde van de reclamekosten.
  2. De eerste typisch Angelsaksische fout om in het Nederlands samengestelde woorden los van elkaar te schrijven. Het gaat over een eczeemmiddel. Schrijf dat dan ook. Het is als bij Stop middel tegen lekkages: je dreigt precies het omgekeerde te beweren van wat je beoogt. Je wilt een stopmiddel (zonder spatie) tegen lekkages propageren, maar komt aanzetten met het advies om een middel tegen lekkages te stoppen. Grahams suggereert dat eczeem een wereldwijd succesmiddel is tegen wat dan ook (volgens bouwvakker).
  3. Accenttekens dienen slechts dan te worden gebruikt wanneer leesverwarring dreigt, zoals tussen het lidwoord een en het telwoord één. In de constructie “een van de” is die leesverwarring niet aan de orde, en dus zijn de accenten van één overbodig. Niemand leest “[un van du]”, dus die accenttekens zijn hypercorrect en foutief geplaatst.
  4. De tweede typisch Angelsaksische fout om in het Nederlands samengestelde woorden los van elkaar te schrijven. Er moet staan: eczeemgevallen.
  5. Ik kan het ook niet helpen, maar in het Nederlands is eczeem onzijdig. Het is dus niet de eczeem, maar het eczeem. Dat onderscheid is Angelen en Saksen onbekend.
  6. De aanhalingstekens staan erg onhandig genoteerd. Het hele stuk van “Ik zei” tot en met “de hele wereld” zouden letterlijk uit zijn mond zijn gerold, hetgeen te betwijfelen is, waar nog bijkomt dat daarbinnen nog eens aanhalingstekens staan rond “natuurlijke ingrediënten” die de verkeerde suggestie wekken van “zogenaamd”, plus dat daarbinnen nog een citaat staat van wat hij tegen zijn vrouw zei (“Shannon…meegemaakt“). Zo is het een rommeltje. Los het op door “Ik zei” te vervangen door “Geoff zei“, de aanhalingstekens uitsluitend te plaatsen rond het citaat “Shannon…meegemaakt“, “We” te vervangen door “Ze“, en de aanhalingstekens rond “natuurlijke ingrediënten” doodgewoon weg te laten.
  7. Een slippertje: “o.a..” moet uiteraard “o.a.” zijn. Is hier een automatisch vertaalprogramma aan het werk geweest dat consequent een punt achter een zin zet, ook al staat er al een punt vlak voor?
  8. De derde typisch Angelsaksische fout om in het Nederlands samengestelde woorden los van elkaar te schrijven. Er moet staan: lichttherapie.
  9. Er is geen goede reden hier een puntkomma te plaatsen. De zin loopt niet min of meer door, maar er is duidelijk sprake van twee los van elkaar staande mededelingen. “; h” moet dus worden vervangen door “. H“.
  10. Zelfs bij een grootbeeld-tv schrijf je tv in het Nederlands met kleine letters. “TV” moet dus “tv” zijn.
  11. Waarnaar verwijst “Ze” in “Ze willen“? De enig mogelijke referent is Geoff, maar die is niet meervoudig. Ik kan niet anders dan vermoeden dat er “Hij wil” wordt bedoeld in plaats van “Ze willen“.
  12. Homonymie kan zeer verwarrend zijn en is derhalve uit het oogpunt van effectieve communicatieve beter maar te vermijden. Hoewel het niet strikt foutief is hier het woord “zoveel” aaneen te schrijven (bij “zo veel mogelijk” zou dezelfde dubbelzinnigheid bestaan), zijn er twee opties, te parafraseren als:
    (a) Zoveel mogelijk willen ze mensen helpen… of
    (b) Zo veel mogelijk mensen willen ze helpen….
    Dan is het probleem uit de wereld, ook al zou het zo kunnen zijn dat de opstellers van de advertentie juist beide mogelijkheden tegelijk wilden impliceren. Duidelijk wordt het daarmee nog niet.
  13. Wederom een geval van homonymie. De zin zoals die er nu staat, is weliswaar niet incorrect, maar wel dubbelzinnig. De volgende twee lezingen zijn denkbaar:
    (a) “Ze willen zoveel mogelijk mensen helpen die vreselijke huidklachten hebben.
    (b) “Ze willen zoveel mogelijk mensen helpen door hun vreselijke huidklachten te bezorgen.
    Om die ongewenste homonymie te vermijden is er een simpele oplossing: parafraseer de zin als:

    Mensen met vreselijke huidklachten willen ze zoveel mogelijk helpen.
  14. Helaas hebben taalkundigen eeuwen geleden vastgelegd dat hen vierde naamval is en hun derde naamval. Je biedt iets (lijdend voorwerp, 4e naamval) aan aan iemand (meewerkend voorwerp, 3e naamval). Daarom moet het hypercorrecte hen hier hun zijn.
  15. Waarnaar verwijst “het“? De enige interpretatiemogelijkheid is “Grahams”, twee woorden daarvoor. Maar “het Grahams” is geen Nederlands; zelfs “de Grahams” doet pijn aan de ogen. Stond er “het product” of “de crème“, dan was de pijn aanmerkelijk verlicht.
  16. Een komma is een leespauze in een doorlopende zin. Hier echter is sprake van twee afzonderlijke zinnen. “, j” dient dus te worden vervangen door “. J“.
  17. In correct Nederlands is diegene uitsluitend te gebruiken als aanwijzend voornaamwoord dat binnen het hele Nederlandstalige gebied noodzakelijkerwijs dient te worden gevolgd door een ervan afhankelijke bijzin die met die begint; “diegene, die…” net als “datgene, wat…“. Die bijzin ontbreekt hier, en dus had er moeten staan “zo iemand” of “hij of zij” of “die persoon“. Echt fraai is dat eigenlijk ook niet, maar dat is een kwestie van stijl en smaak.
  18. Anders dan in sommige andere talen is het in het Nederlands niet de gewoonte om Al wat maar een Beetje Belangrijk wordt geacht met een hoofdletter te schrijven. We zien het vooral in Engelstalige titels van boeken en artikelen. Weg ermee.

Alles bij elkaar genomen mogen we constateren dat het niet louter uit Angelsaksische onbeholpenheid is dat de publiciteit van Grahams te scharen valt onder de categorie “as je maar begrijpdt wat er bedoelt word“.

Nog een welgemeend advies terzijde:
lees in de laatste alinea van de advertentie (“…gaat het snel van mond tot mond…“) onder geen beding dat de zalf is bedoeld voor inwendig gebruik. Smeer het tussen je tenen of tussen je benen, maar ga er niet aan likken. En Buiten Bereik Van Kinderen Houden, want die proeven aan van alles.

____________________________

Volgend bericht: http://nardloonen.nl/2017/12/28/de-eczeem-creme-2-van-2/

Mag-ie?

Etiketten bevatten voornamelijk verwarrende, vage, onvolledige en voor de gemiddelde consument oncontroleerbare informatie,zo is mij ooit geleerd. De toenemende Europese regelgeving, de zgn. Verordening voor de etikettering van voedingsmiddelen heeft onder meer tot een situatie geleid dat de wal het schip keert en de consument nog minder te weten komt en hooguit af en toe nog kijkt of het product niet over de datum is.
Vandaag staat er Maggi op het menu.

 

Een van de weinige voordelen van een verhuizing is dat je dingen terugvindt die je al jaren kwijt was, en dingen tegenkomt waarvan je niet eens meer wist dat je ze ooit had gehad. Zo vond ik opeens het iets te zorgvuldig bewaarde krantenknipseltje terug met het verhaal van Wouter Klootwijk in de NRC van 19 augustus 2011 over Poolse Maggi bij de Chinees.

Maggi – wie is er niet groot mee geworden en het lijkt niet klein te krijgen. Kommaneuker als ik ben (pinailleur in het Frans; noem het voor mijn part een fanatiek taalkundige), ging ik op zoek, van keukenkastje tot Wikipedia, en trof wat merkwaardigheden aan.

Allereerst: hoe oud is Maggi?
Klootwijk beweert in 2011 dat het bekende bruine flesje zijn 125-jarig bestaan viert, en 2011-125=1896. Maar op het Nederlandse flesje staat toch echt 1895 en het Franse flesje pretendeert dat het uit 1889 stamt. Krijgen we nu hetzelfde verhaal als het Brand bier sinds 1340? Wikipedia meldt de uitvinding van het bruine flesje in 1886. Dan heeft Klootwijk dus gelijk en liegen de flesjes, behalve het Poolse dat het correcte opschrift “Oryginalna od 1886 roku” bevat.

Dan de inhoud.
In een flesje Nederlandse Maggi voor kleinverbruik zit, volgens het etiket, 250 gr oftewel 202 ml . Die is wel fijn, want dan mag de fabrikant er ook 10% minder in doen van Brussel. Een flesje Franse Maggi bevat ook 250 gr , maar slechts 200 ml, zij het zonder .
Worden we geflest door de Fransen? De plaatselijke Colruyt rekent er ook nog eens € 1,68 voor tegen € 1,09 bij AH (prijspeil oktober 2017). Nu zal wel niemand op het idee komen een flesje tot de laatste drup te legen en het volume te meten, maar wijst dit verschil van 2 ml op een etiketfout, op oplichterij, of op een iets andere samenstelling van de inhoud? Dat is immers wat Klootwijk suggereert: de samenstelling wordt “aangepast aan de smaak van de Nederlandse consument“.

Dus maar eens naar de samenstelling gekeken.
Even vooraf: in Maggi zit geen maggiplant, behalve in de Poolse Maggi (zeggen ze). Lavas is maggiplant gaan heten omdat de smaak aan Maggi doet denken. Ik gebruik vaak maggiplantblaadjes in gerechten in plaats van druppeltjes Maggi Aroma, en heb nooit het idee gehad dat ik iets miste (of minder ziek werd).
Maar het hoofdbestanddeel van Maggi is zout.
De Nederlandse versie, “de enige echte“, bevat volgens het etiket 24,9 gram zout per 100 ml, dus 62,25 gr per flesje. Voor de Franse variant is dat 63,5 gr; ruim 1 gr meer dus. De Polen hebben het minder zout gedronken: die doen het met slechts 57 gr zout, oftewel 11% minder.
Nu zal ik daar niet wakker van liggen. Geen mens haalt het in zijn hoofd om een heel flesje Maggi van een kwart liter in een glas te schenken en dat achterover te slaan, dus ik geloof ook niet dat de genoemde aanpassing aan de nationale consument het zoutgehalte betreft. Nee, het moet ergens anders in zitten, als het verhaal al klopt. Wat dan? Zijn er nog andere verschillen in het spel?
Er zijn wat subtiele verschillen, al denk ik niet dat die de smaaksensatie beïnvloeden:

Eerst maar even de voedingswaarden per 100 ml, achtereenvolgens de Nederlandse, Franse en Poolse (maar dan per 100 g) volgens etiketopgave:

energie 434 kJ/102 kcal 434 kJ/102 kcal 85 kJ/20 kcal
vetten 0,0 g 0,0 g 0,0 g
waarvan verzadigd 0,0 g 0,0 g 0,0 g
koolhydraten 7,4 g 10,0 g 2,2 g
waarvan suikers 5,1 g 5,1 g 0,9 g
vezels 0,0 g 0,0 g 0,0 g
eiwitten 18 g 15,5 g 2,8 g
zout 24,9 g 25,4 g 22,8 g

Daar klopt natuurlijk niks van. Die Polen zitten er een factor 5 naast, behalve wat het zoutgehalte betreft. Elders op internet vind je nog meer bizarre waarden voor de Poolse Maggi, inclusief 7 gram vet en slechts 4 gram zout. Ik herhaal de eerste zin van dit artikel maar even. Er is überhaupt geen touw aan vast te knopen, want de Tsjechische Maggi (MAGGI Tekuté kořený) komt ook uit Polen volgens Tesco, een van de Tsjechische Albert Heijns, maar bevat o.a. meer calorieën en meer zout. Vermoedelijk heeft Nestlé een al eerder bestaande receptuur overgenomen en die als Maggi in de markt gezet; stukje bij beetje wordt dan de samenstelling aangepast, ofwel aan de smaak van de lokale bevolking, ofwel aan de zo goedkoop mogelijke standaard die ook elders wordt geproduceerd. Of beide. Wereldwijd.

Kan er dan een groot verschil zitten in de ingrediënten, volgens etiketopgave? Wederom achtereenvolgens de Nederlandse, Franse en Poolse gegevens:

tarwe-eiwitten/ water/zout protéines de blé/ eau/sel aroma
smaakversterkers:    
E621 glutamate monosodique glutaminian monosodowy (E621)
E631 inosinate disodique 5′-rybonukleotydy disodowe (E635)
zout    
suiker sucre glukoza
    ocet (=azijn)
    wyciąg z lubczyku (=lavas extract)
    ekstrakt drożdży (=gistextract),
maar volgens mij is dat hetzelfde als E621

Wat valt er hierbij op? Allereerst dat de Nederlandse en Franse ingrediënten elkaar niet veel ontlopen; zeg maar: identiek zijn, maar dat de Poolse gegevens sterk afwijken, zowel wat de voedingswaarden als de ingrediënten betreft. Ik geloof er geen barst van. Er zit geen lavas in Maggi en dat er azijn in zou zitten klinkt mij als koelvloeistof in Oostenrijkse witte wijn. Wellicht bedoelen ze een religieuze smaakversterker aqua sancta (=wijwater) – dat gaat er bij de meeste Polen wel in, maar die heeft vooralsnog geen E-nummer. Bovendien noemen de Polen de smaakversterker E635, die wel lijkt op E631 (in Nederland en Frankrijk), maar die niet identiek is.

Wat voorts opvalt, en nogmaals: etiketten bevatten halve waarheden en oncontroleerbare feiten, nergens staat vermeld hoe veel van die smaakstoffen er zijn gebruikt. En mijn vermoeden is dat het nou juist dàt is wat eventuele smaakverschillen in de diverse landen veroorzaakt, want een paar korreltjes zout meer of minder per flesje maken geen significant smaakverschil bij enkele druppels Maggi.

Kortom: de etiketten op een flesje Maggi weten wel mij van de straat te houden, maar bepalen voor mij niet de keuze tussen het product uit het ene of andere land. Daarom mijn suggestie: laat het flesje Maggi gewoon in het keukenkastje staan en gooi gewoon een lepel zout in je soep en eventueel een paar blaadjes lavas, als je die in de tuin hebt.

De laatste opmerking van Wouter Klootwijk is ook mijn afsluiting van dit verhaal: de zilveren houder om tijdens het diner ook Maggi op chique te laten gaan. Van ooit een op mijn verjaardag gekregen heb ik hier ook nog zo’n ding, maar dan niet zo’n dure zilveren bewerkte, maar eentje van Gero Zilmeta van de Blokker of de HEMA, voor de wat beperkter beurs. Het is waarlijk een sieraad op tafel, zo blinkend naast het glazen zoutvaatje.

 

 

PS: uit de laatste reactie hieronder blijkt dat er sinds ±1860 een voorloper was van het Maggiflesje: Liebig, oftewel Oxo, wat overigens in België nog steeds een soortnaam is op menukaarten voor ‘heldere vleesbouillon’, wat niet meer inhoudt dan water met een bouillonblokje. Maar goed, soms kan dat best lekker zijn. Dat Oxo-flesje, hier links op de afbeelding, lijkt verdacht veel op het flesje dat door Julius Maggi pas later is ‘uitgevonden’.