Wat een troep!

Eindelijk eens goed nieuws in De Volkskrant van gisteren.

Arnout Brouwers begon zijn artikel als volgt: Niet alleen Duitse politici en generaals vielen van hun stoel toen ze vrijdag de Wall Street Journal openden – ook hun Amerikaanse collega’s. Want ook voor het Pentagon en Republikeinen in het Congres kwam het als een verrassing dat Trump de aanwezigheid van 34.500 Amerikaanse troepen in Duitsland met 9.500 militairen wil verminderen.

 

Dat het slechts om een kwart ging van de Amerikaanse troepenmacht, en dat dan alleen nog maar in Germanië, valt te betreuren. Maar na 75 jaar Amerikaanse militaire en economische bezetting van West-Europa moet je blij zijn met elke verbetering. Zweden, Denemarken, Frankrijk en Oostenrijk komen er gezegender van af, zo aan het kaartje te zien. Dat heeft met hun verstandige politieke keuzes te maken. Wellicht zal Polen pogen er munt uit te slaan; daar omarmen ze al decennia lang alles wat lijkt op Margareth Thatcher en Donald Trump en alles wat daar tussenin zit, en bekommeren ze zich allerminst om de onverholen kritiek vanuit de EU door op of ruim over de rand te gaan van de regelen der Europese beschaving.

Toch was het niet dat politieke gedoe, al dan niet fake, al dan niet bedoeld als proefballonetje. Er is taalkundig iets aan de hand wat mij nog meer frappeerde.

Denk even terug aan mijn uiteenzetting over collectiva. In dat artikel noemde ik troep een enkelvoudig collectivum, een woord dus in het enkelvoud waarachter een meervoudig begrip schuilgaat, zoals je één doos hebt met daarin veel foto’s, of een vlucht regenwulpen. Bij troep kun je denken aan wolven (ook wel als roedel samengenomen), meer nog dan aan soldaten. Maar het Volkskrantartikel spreekt van “34.500 Amerikaanse troepen“, en het bovenschrift boven het kaartje van “meer dan 100 troepen actief militair personeel“. Dat kan dus niet.
Dat kan niet, want het is ongebruikelijk over “een troep soldaten” te spreken; soldatentroep is van een andere orde. Gebruik dan troepenmacht, wat weer wel een correct enkelvoudig collectivum is.

Als daarentegen De Volkskrant wil suggereren dat troepen synoniem is met militairen, dan hebben ze het mis. Bij levende wezens, anders dan bij Jan Steen, is troep een enkelvoudig collectivum als een verzamelnaam voor een aantal wezens, en zijn troepen meerdere verzamelingen van nog meer aantallen wezens. Zo zijn dus 34.500 troepen niets anders dan 34.500 bases of hangplekken waarop zich een veelvoud aan militairen bevindt, en moeten we de genoemde getallen dus helaas met honderden of duizenden vermenigvuldigen om het werkelijke aantal betreffende militairen te benaderen.

Kon het beter? Jazeker.
Ofwel je brengt het aantal troepen terug tot nul, want nul keer honderd of duizend is nog steeds nul, dan zijn we van alle troep verlost.
Ofwel gebruik in plaats van troepen het woord manschappen. Want dat is een meervoudig collectivum, waarvan je er niet zo makkelijk eentje kunt hebben: *een manschap is geen gebruikelijke aanduiding voor wat dan ook, net zoals het onbestaande *timmerlied of *zeelied als enkelvoud van timmerlieden of zeelieden; wel natuurlijk als enkelvoud van timmer-of zeeliederen.

Ik heb De Volkskrant op deze subtiele kwestie gewezen. Maar sinds de door mij openlijk diep betreurde verkwanseling van de PSP vanaf 1985 sta ik daar op de zwarte lijst en worden al mijn ingezonden bijdragen categorisch geweigerd.
Wat een troep!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.