Führer ex (Duitsland 2002)

Alweer die DDR. Alweer die Wende. Alweer tegen die muur aan lopen. Kunnen die Duitsers nou niet eens eindelijk…
Totdat je in de gaten hebt dat deze uitstekende film helemaal niet gaat over Duitsland dat zijn trauma’s maar niet verwerkt krijgt, maar over mensen. En dat wat Tommy en Heiko doormaken ook best in Roemenië, Chili, Finland of Nederland had kunnen worden gesitueerd. Want een verstikkend staatsbestel, ploertige politie, uitzichtloosheid, drang om te ontsnappen en de kous op de kop krijgen, daarop heeft Duitsland net zo min het primaat als het monopolie.

Inhoud
Al tijdens de titelrol worden we in het diepe gegooid: we horen een rauwe, verkrachte electropunkversie van de Nationalhynme der DDR (“Auferstanden aus ruinen und der Zukunft zugewandt…”) en dan weten we al dat er iets niet pluis is.

Als Tommy (Thomas) Zierer (18) en Heiko Degner (18) aan het begin van de film, nadat de voorttuffende Trabants, de voetgangers met allemaal een tasje in hun hand, en Erich Honecker himself onze blikken hebben gericht, ostentatief staan te urineren op een stapeltje exemplaren van Neues Deutschland, dan is het wel duidelijk dat ze het helemaal hebben gehad met hun DDR. Korte flits van het Ampelmännchen op rood. Een van de zeer vele geraffineerde details in deze film.
Tommy accentueert het nog maar even: slenterend over straat passeert hij een oudere bewoner die bezig is met het wassen van zijn Trabant, voor de man vermoedelijk het hoogst haalbare in de heilstaat. Tommy trapt nonchalant de emmer sop omver, daarmee zijn afkeer van de maatschappij en haar mogelijkheden demonstrerend. 
Het is 1986. Het gras van de buurman is altijd groener: ze willen weg. Niet naar Praag of Moskou, nee, naar Australië.

Zo gezegd, zo gedaan. Bepakt met plunjezakken en draadtang wurmen ze zich door de eerste twee versperringen. De door relaties aangeleverde kaart blijkt echter niet gedetailleerd genoeg: er is nog een derde versperring en vlak daarvoor blijven ze achter een struikeldraadlichtsein hangen en komen de Vopo’s in actie. Het tweetal belandt in de Strafsvollzugseinrichtung Torgau. Fotografieren verboten! (Het zijn dit soort minidetails die de film “echt” maken; net zoals het feit dat ze erheen worden gebracht in een vrachtwagen van de VE Backwarenkombinat, Betriebsabteil Magdeburg/Süd). Daar worden ze met nog een aantal opgepakte criminelen afgesnauwd door een bewaarder (Tino Floß; zelden een acteur gezien die zo perfect past in de rol die hij moet spelen!) die ze beveelt zich uit te kleden en onder de douche te gaan – waar heb ik dat eerder gelezen. Heiko belandt daarna in een cel en komt al snel in contact met medegevangene Hagen, Erziehungsbereichsälteste, EBA, die hem de regels van het gevangeniswezen onthult. In de praktijk blijkt het met de onderlinge verhoudingen niet al te zachtzinnig te verlopen: geweld en seksuele uitspattingen zijn aan de orde van de dag. “Als je het hier overleeft, is de rest van je leven één grote vakantie”, vertrouwt Hagen Heiko toe. Natuurlijk een flash forward van de regisseur. Natuurlijk onzin. Het zij gezegd, want het is diezelfde Hagen die Heiko, we zitten op bijna één uur film, tijdens het douchen verkracht. Voor Hagen betekent het dat hij door Tommy en zijn neo-nazivriendjes in elkaar wordt getrapt en verder uit beeld verdwijnt; voor Haiko is de ommekeer in zijn leven. Het is ook het kantelpunt in de film.

Als we “tempo” van een film of boek definiëren als de voortgang van de verhouding tussen verteltijd (het aantal minuten film) en vertelde tijd (het aantal uren/dagen der gebeurtenissen), dan blijkt het tempo van het eerste uur van deze film redelijk contstant, in ieder geval goed te volgen. Dat heeft ook te maken met begrippen als continuïteit en discontinuïteit: volgen de gebeurtenissen elkaar in de film successievelijk op, of zitten er gaten, grote tijdsprongen in. Vanaf het moement echter dat het tweetal de laatste vluchtpoging onderneemt, wordt dat anders.

3 augustus 1989. Het is Tommy en Heiko gelukt de Hugo de Grootmethode te volgen: in kisten die zij in de werkplaats hebben moeten maken worden ze de gevangenis uitgereden en naar het “vrije Westen” geëxporteerd. De kijker moet nu echter een hoop zelf invullen: we zien Tommy opeens opduiken in Münchberg, Beieren, waar hij wordt opgepakt door de politie omdat hij geen papieren bij zich heeft, en krijgen we tv-beelden te zien van de Bondsdag waarin wordt gerept van de ommekeer in de DDR, waardoor de muur geen functie meer heeft.
Weer zo’n sterk detail: ter afsluiting van die parlementszitting zingen de aanwezigen het West-Duitse volkslied (dus dat met “Einigkeit un Recht und Freiheit…”). Daartijdens vloeit het beeld over naar de binnenplaats van de gevangenis in Torgau en horen we dezelde melodie, maar nu van het Groot-Duitse volkslied (dus met “Deutschland, Deutschland über alles…”), gezongen door de nazi-freundliche gevangenen van achter de tralies, zwaaiend met naar buiten gehangen witte lakens. “Ruhe! Ruhe!”, roepen vanaf de binnenplaats de Vopo’s, die ongetwijfeld niet lang daarna zelf met hunne Trabanten naar West-Berlijn pruttelen. Bijkomend sterk detail: we zien die binnenplaats door een haast geheel ontbladerde boom heen: het verval van de bloei in beeld.

Pal daarop (gelukkig staat erbij vermeld: 24 mei 1990, een behoorlijke tijdsprong dus) verschijnt Tommy met een degelijke Ford Taunus, kenteken SW-DK 972, uit Schweinfurt dus, voor het huis van de familie Degner in Oost-Berlijn (ja hoor: met McDonald’s op de achtergrond, zodat we goed weten hoe laat het is) waar hij te horen krijgt dat Heiko niet thuis is, maar in de Weitlingstraße, waar zich een kantoor blijkt te bevinden van de rechts-radicale DNP. Net op dat moment betreedt Heiko het podium, in neo-nazi uniform met hakenkruis en al, en begint een hitserige toespraak over het gewenste toekomstbeeld. Tommy applaudiseert even hard als de andere aanwezigen.
De rollen zijn nu omgedraaid: Heiko is vanaf nu de initiatiefnemer, Tommy de volger. Tempo en coninuïteit zijn weer in orde en we zien hoe de kring van neo-nazi’s zich gewelddadig manifesteert, in het bijzonder tegenover (meestal Turkse) buitenlanders. Maar boven alles blijft de vriendschap en trouw tussen Tommy en Heiko een rol spelen. Als uit de geroofde Stasi-archieven blijkt dat Tommy in de gevangenis als informant heeft gewerkt en daarvoor een document heeft ondertekend, ook al was dat in feite om Heiko uit de isoleercel te krijgen, besluit de bende dat Tommy moet worden geliquideerd. Heiko krijgt een pistool om het vonnis te voltrekken. Hij weigert op het moment suprème echter te schieten – de vriendschap wint het. Dan nemen de bendeleden het heft in eigen handen en slaan Tommy in elkaar tot hij er het leven bij laat. De film eindigt met een nu verloren lopende Heiko die in schimmige, wazige beelden geblondeerd over straat sjokt. 

Analyse/Commentaar
Men neme een ijzeren, vierkanten staaf. Klem die stevig vast met twee klemmen ongeveer op halve lengte en draai dan die klemmen een kwartslag t.o.v. elkaar. Doe hetzelfde op driekwart lengte. Je krijgt dan een staaf zoals je die ook wel in tuinhekken ziet. Daarmee heb je de best mogelijke representatie gekregen van de karakterontwikkelingen in deze film. Dat zijn in ieder geval deze drie: die van Tommy, die van Heiko, die tussen Tommy en Heiko. Waar andere films het na één beslissende wending wel mooi vinden, gaat de torsie bij Führer ex nog zeker één slag verder.

  • Tommy (Aaron Hildebrand, 1980) is aanvankelijk de DDR-anarcho met een grote bek, die van alles bedenkt, maar niks bereikt. Eenmaal in de gevangenis gaat hij noodgedwongen dimmen, en aan het eind is hij verworden tot het (onmisbare) aanhangsel van Heiko, dat het niet redt.
  • Heiko (Christian Blümel, 1983) is de wat schuchtere volger van zijn vriend Tommy, bij wie verleden, heden en toekomst in hoofdzaak lege begrippen zijn. Eenmaal in de gevangenis wordt hij door Hagen op onconventionele wijze in de douche wakker geschud, d.w.z. in hem ontwaakt het besef dat hij initiatief moet gaan nemen. Tegen het eind is hij dan ook de volovertuigde, activistische neo-nazi. Maar uiteindelijk ziet hij daarin ook geen toekomst voor hem weggelegd.
  • Tommy en Heiko zijn aanvankelijk vrienden in een perspectiefloze, lege omgeving. In de gevangenis worden ze zogenaamd uit elkaar gehaald (Abteilung A en B), maar het contact  en de vriendschap blijven bestaan. Is het eerst Tommy die nazi-sympathieën uit tegen een afwijzend reagerende Heiko, na hun ontsnapping is het Heiko die de DNP-gelederen gaat versterken en Tommy als verbijsterde toeschouwer weer terugziet. Het muntje kan twee kanten op vallen, maar per saldo zijn er twee verliezers: de een is dood, de ander staat gedesillusioneerd met lege handen.

Op geen enkel moment is deze film “onecht”. Hoe komt dat? Laat ik het op het conto schrijven van zowel de regisseur en scriptschrijver(s), als op dat van de montageafdeling, als op dat van de acteurs. Hun samenwerking leidt tot een harmonieus geheel, waarin wij bijna geen minuut als kijker worden teleurgesteld. Dan neem ik de wat rommelige fase rond de geslaagde ontsnapping maar even voor lief.

Straatbeeld in Oost-Berlijn. © Nadja Klier. Zie http://www.nadjaklier.de/filme/fuehrerex/index.htm

De film blijft boeien door de herkenbaarheid van de erin optredende karakters, door de setting en entourage. Bedenk daarbij dat er af en toe oude DDR-beelden zijn ingelast, bijvoorbeeld in het begin het optreden van Erich Honecker; ook de straatbeelden uit Oost-Berlijn, met al die Trabants en Wartburgs, stammen uit 1988, maar zijn naadloos als “heden” in de film gemonteerd; de tv-reportage uit de Bondsdag is historisch materiaal, soepeltjes en als vanzelfsprekend ingeschoven; de IFA-vrachtwagen van de VE Backwarenkombinat, Betriebsabteil Magdeburg/Süd zal vast wel zijn gehuurd van C.S.T.-Autoservice GmbH te Gremsdorf, die daarvoor bij de aftiteling ook vriendelijk wordt bedankt, maar juist doordat hij is vermond als bakkerswagen en niet als politiebusje, concentreer je je aandacht op die camouflage – niet op het tijdsverschil tussen tijdens en na de DDR. Het enige wat ik eigenlijk mis, is het “hoogtepunt” als het tweetal dan eindelijk de zonegrens tussen DDR en BRD passeert.  Dat moet voor veel DDR-burgers toch een onuitwisbare ervaring hebben betekend, maar om een of andere reden, misschien van technische aard, blijven wij daarvan verstoken.

Het verschil wordt gemaakt door de details. Dat geldt eigenlijk op tal van momenten door de hele film heen verspreid. Een aantal daarvan heb ik hierboven al genoemd. Ze zijn vaak zo geraffineerd, dat je er als kijker misschien niet eens erg in hebt, omdat het allemaal zo natuurgetrouw, levensecht of eventueel normaal overkomt. Maar bij elk detail stijgt de film weer een paar puntjes.

Beate (Jule Flierl, 1982) vervult een gans andere rol dan die van vleesgeworden sekspop die in zo vele films ten gerieve van zich heteroseksueel verklarenden en andere snottebellen op tweederde van de film zo bloot mogelijk met haar benen wijd moet gaan liggen om de verkoopcijfers te stuwen. Zij ontpopt zich hier als een sturende factor in het verhaal: eerst door Heiko het waanidee te geven dat er iets hogers in het leven te bereiken valt (van seks is er geen sprake, hij heeft alleen het gevoel dat er iets onbedaarlijk kriebelt); dan door de vriendschapsrelatie tussen Tommy en Heiko te beproeven (het femme fatale-effect) als zij opeens met Tommy in bed ligt – maar de slipjes blijven aan; en ultimo door op de Bühne te verschijnen als Turkse buikdanseres, die aan Heiko heel fijntjes weet uit te leggen dat hij met al dat hakenkruisgedoe zijn doel nooit zal bereiken. Had zij hem in de gevangenis nog met een kort bezoekje vereerd, nu geeft ze hem de bons. Ook bij haar dus is er een ontwikkeling waarneembaar.

Op een of andere manier houd ik van deze film. Dat zit hem niet alleen in al het bovenstaande of in de personages zelve, hoezeer ik hun acteertalenten ook waardeer. Meer nog dan dat alles is dat Bonengel er voor mij in is geslaagd een universeel probleem in een casus te vatten die historisch verantwoord is, op geen enkel moment onecht overkomt, en bovenal een trieste ervaring op niet-moraliserende wijze tot een aanmoediging weet te transformeren om aan de dagelijkse tristesse te gaan ontsnappen.
De thematiek overstijgt immers het Duits-Duitse probleem. Wat je in Führer ex tegenkomt, kun je in vergelijkbare mate ook wel tegenkomen in Nederland, België, Engeland, Frankrijk. En Oostenrijk natuurlijk, niet te vergeten.

Anders Breivik had er beter aan gedaan ons te dwingen naar Führer ex te kijken, dan om zijn eigen verhaal te gaan regisseren.

_________________________

Führer ex (Duitsland 2002). Regie: Winfried Bonengel. 101 minuten.
Alternatieve titel: Les enfants de la colère
Details: http://www.imdb.com/title/tt0329106/
Nederlandse (nou ja, Vlaamse) ondertitels als .srt-file: http://www.nlondertitels.com/subtitle/14791/F%FChrer+Ex.html

(NB: Als nlondertitels.com zegt dat de file niet te vinden is, zoek er dan op het IMDB-nummer 0329106, dan snapt hij het ineens wel.) 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.