Acht op Sebastiaan (6/8) – kunstvorm en -stijl

We kennen afbeeldingen van Sebastiaan vanaf de 14e eeuw tot op heden. Daarom is het niet verrassend dat in die zeven eeuwen geldende kunstopvattingen en stijlen hun stempel op de weergaven hebben gedrukt. Ook de wijze waarop de schaarse informatie over Sebastiaan in die afbeeldingen is verwerkt, verschilt van eeuw tot eeuw. Daarover gaat dit artikel in de reeks over Afbeeldingen van Sebastiaan.

Stijlverschillen
De wijze waarop Sebastiaan wordt weergegeven zegt in de meeste gevallen meer over de kunstenaar en zijn tijd (inderdaad, de meesten zijn mannen) dan over Sebastiaan. Een kleine vergelijking van 4 beeltenissen zegt al genoeg. Op de linker afbeelding zien we een weergave door Master ES (1467, primitieve kunst) en door Pieter-Paul Rubens (1618, Vlaamse barok); op de rechter afbeelding van Gustave Moreau (1870, symbolisme, voorloper van de art nouveau) en van Jan Verkade (1892, post-impressionisme).

Hoewel alle vier weergaven het lijden van de martelaar uitbeelden, zitten er grote verschillen in de wijze waarop een menselijk lichaam eruit “hoorde” te zien in de eigentijdse stijl. Wat dat betreft is er geen sprake van een realistische weergave van de historische werkelijkheid. Dat kan ook niet, want wij missen de gegevens om die realiteit weer te geven. Dat heeft allereerst met zijn niet-bekende leeftijd te maken, maar verder ook met alle andere uiterlijke kenmerken van Sebastiaan die we niet kennen.

In de vroegere weergaven, die wij met “de primitieven” aanduiden, is hij vaak een onderdeel van een verhaal waarvan diverse fasen in één afbeelding staan vervat, en is zijn gezicht vrij emotieloos. Maar vanaf de renaissance komt hij meer als centrale figuur op de voorgrond te staan en verschijnt er meer expressie in de gelaatsuitdrukking. We zien dan ook veelal dat hij zijn hoofd, althans zijn ogen, ten hemel richt in een mengeling van pijnlijke smart en verlangen naar het hiernamaals. Dat is geheel in de stijl waarop martelaren doorgaans werden uitgebeeld. Nog later,vanaf de barok tot tegen 1900, verdringen weer andere kunstopvattingen die smartelijke emotie die plaats moet maken voor symboliek en/of andere expressies. Zo maakt bijvoorbeeld in de barok het medelijden met de gemartelde plaats voor bewondering voor hem. 

Positie
Het gros van de afbeeldingen vertoont Sebastiaan staande en ruggelings vastgebonden. In enkele gevallen zien we hem zittend, heel soms zelfs liggend, ofwel door de schutters zo neergezet, ofwel door de verwondingen neergezegen. In nog minder gevallen, en dan vooral uit de laatste halve eeuw, staat hij met de rug naar ons toe. Er lijkt voor die positie geen historische grond aanwezig te zijn, maar vanuit de bestaande opvatting dat Sebastiaan een begeerde jongeman was, is zij wel enigszins verklaarbaar.
Meestal staat hij op de grond. Soms echter is hij verhoogd vastgebonden, staande op een voetstuk, tak, stronk of steun, zoals we bijvoorbeeld zien bij Pollaiolo (1475), netjes buiten de stadsmuren van Florence, met de stad en de rivier de Arno op de achtergrond. Door die verhoogde positie is hij prominenter het middelpunt van de afbeelding, en niet op de laatste plaats dringt zich zo des te meer de vergelijking met de kruisiging van Christus op.

Omdat er zoveel te gissen overblijft, is het misschien goed om wederom even stil te staan bij de oudste bron die ons wat vertelt over leven en dood van Sebastiaan.

Overlevering
We mogen aannemen dat tal van kunstenaars, voor zover ze niet al van elkaars werk elementen kopieerden, zich hebben laten inspireren door de oudste bron die enige informatie over de feitelijke gang van zaken rond 288 oplevert, de al eerder genoemde Legenda Aurea van Jacobus de Voragine uit ± 1260. Dat is dan al wel 1000 jaar na dato, dus erg exact zal het vermoedelijk niet wezen. Qua tijdspanne is dat min of meer vergelijkbaar met Thea Beckmanns Kruistocht in spijkerbroek dat terugvoert op de kinderkruistochten begin 13e eeuw. Niemand zal van haar vergen dat ze een historisch correct verslag schrijft, integendeel, ze gebruikt een historisch gegeven (in welke mate dat dan ook vaststaat) om een eigentijds verhaal te schrijven.
De Voragine schrijft in zijn Aurea Legenda:
“Tunc Diocletianus iussit eum in medium campum ligari et a militibus sagittari, qui ita eum sagittis impleverunt, ut quasi hericius videretur, et aestimantes illum mortuum abierunt.”
(“Toen liet Diocletianus hem midden in het veld vastbinden en liet hij soldaten pijlen op hem afschieten. Zij schoten zoveel pijlen in hem dat hij er als een stekelvarken uitzag. In de veronderstelling dat hij dood was, gingen ze daarna weer weg.”)

Vanuit dit citaat is verklaarbaar dat Sebastiaan buiten de stadspoort werd geëxecuteerd en dat er op zoveel afbeeldingen in de verte een stad is geschilderd of getekend. Het is echter ook voor veel kunstenaars aanleiding geweest niet te bezuinigen op het aantal pijlen in Sebastiaans lichaam.

Hoewel het uiterst subtiel is om maar één pijl te schilderen, zoals we o.a. zien bij Adriaan Litzroth (zie de afbeelding rechts) en Guillaume Evrard (zie de afbeelding van zijn prachtige altaarstuk in het artikel Inleiding), komen we nogal wat afbeeldingen tegen waar het resultaat hilarische kenmerken gaat aannemen. Daarvan noem ik als voorbeelden het schilderij van Del Biondo (1348) en van Baleison (1484), alsmede het hier links afgebeelde schilderij van de Master of the Saint Lucy Legend (±1485). Maar het moet gezegd: deze laatste drie afbeeldingen zijn wel conform het gestelde bij De Voragine die het stekelvarken als richtsnoer neemt.

Over de houdingen die Sebastiaan tijdens de martelscène in de diverse afbeeldingen zoal aanneemt, gaat het artikel Afbeeldingen van Sebastiaan (7/8) – Houdingen, ook in deze reeks.

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.