Muzeldicht

Het is dit jaar tien jaar geleden dat Bernard Huijbers op 80-jarige leeftijd overleed. Door een samenloop van toevalligheden haalde dat bij mij weer een van zijn vroege composities naar boven: Muzeldicht (1959), waarover ik in een EERDER BERICHT al een en ander heb vermeld. Tijd daarom voor een muzikaal tussendoortje.

Als correctie op dat eerdere bericht wil ik even vermelden dat Pieter Nieuwint de tekst niet geschreven heeft als leerling van III-Gym, maar een jaar eerder, toen hij in de tweede klas zat, zo blijkt uit de partituur in Bernards handschrift. Het is heel verklaarbaar dat het idee om van die tekst een muzikale versie te maken, vervolgens het componeren ervan en ten slotte het uitvoeren en op een 45-toerenplaatje zetten zeker een jaar in beslag nam. Veel maakt het overigens niet uit, al kunnen we de tekst daarmee nog wel een jaartje knapper vinden dan hij toch al is.

Op DEZE WEBPAGINAis te zien dat zich in het archief van de Radboud Universiteit in Nijmegen de “partituur” van Muzeldicht bevindt. Ik weet niet of het gaat om een totale dirigentenpartituur, of om gescheiden stukken: de pianobegeleiding en de SATB-zangstemmen. Ik zeg dat omdat ik die laatste twee handgeschreven stukken zelf ook in bezit heb; zie bijgaande voorbeeldpagina’s. Het is heel waarschijnlijk dat ik die destijds van Bernard zelf heb gekregen, al weet ik niet meer waarom. Misschien had ik erom gevraagd, misschien vond hij het voor mij interessant studiemateriaal. In ieder geval heb ik ze steeds bewaard – weggooien kan altijd nog.

Dankzij voortschrijdende techniek, in dit geval het pc-programma Finale Notepad 2012, lukte het mij de partituur in te voeren, al is die nog redelijk complex: veel, tot wel vijf, hulplijntjes, een aantal duolen, vier niet-synchroon lopende zangteksten, enz.
Wat het programma niet kan, is gezongen tekst als zodanig invoeren en weergeven. Vandaar dat ik die stemmen heb vervangen door een koperensemble (zonde van de tekst) en er zodoende toch een qua harmonie betrouwbaar geheel van heb kunnen maken. In mp3-formaat HIER te beluisteren. Voor de volledigheid heb ik bij het invoeren op de pc wel de zangteksten der vier stemmen opgenomen, met slechts een tweetal kleine tekstcorrecties: van grint heb ik grind gemaakt (denk aan ontgrinding, niet ontgrinting) en van gubsde maakte ik gubste, want de vermoedelijke infinitiefvorm is gubsen en de s staat in ’t kofschip. Aan de muziek heb ik verder niets veranderd: alle notenbalken zijn conform de originelen gevuld, ook al klinkt dit geheel harmonieus gezien anders dan de gezongen versie op Ambrozijn en Groggelgijn, omdat 120 zangers nu eenmaal anders klinken dan vier koperinstrumenten.
Maar voor de herinnering van wie er destijds bij betrokken waren, is het wellicht toch weer mooi even drie minuten luisterplezier.

En wie toch liever het origineel hoort: inmiddels (april 2017) heb ik de koorversie van het 45-toerenplaatje op YouTube geplaatst.