Lomanstraat – Van S naar 6

Eindelijk lukte het me begin deze maand, na zo vele jaren, weer eens een bezoek te brengen aan mijn ouderlijk huis Lomanstraat 6. Herinneringen, emoties, weemoed.
Plus de (vermoedelijke) oplossing van een mysterie waar ik nog nooit goed uit was gekomen. De huidige bewoners wisten het ook niet, maar het Stadsarchief bracht me op een idee. De vraag was: wat doet die inmiddels verdwenen witgekalkte 6 onder het huisnummerbordje, en wat heeft daar oorspronkelijk gestaan?

Ik weet zo goed als zeker dat er in 1956, toen we er kwamen wonen, geen 6 stond gekalkt, maar een grote dikke S. Je kunt ook op de foto uit 1962 zien dat er op de plaats van die 6 iets was weggepoetst. Altijd dacht ik, waarschijnlijk omdat me dat door wie dan ook was verteld, dat die S stond voor SD, dat wil zeggen dat informanten een S kalkten om de SD te alarmeren dat een bezoek aan dat huis erg zinvol zou zijn. Daarbij hoort het verhaal dat er bij ons in de kelder een gedeelte kruipruimte was, waarin je door een gat in de muur kon komen, en dat daar in de oorlog joden waren ondergedoken geweest. Enig bewijs daarvoor ontbrak echter.

Wel is het zo, dat er in de oorlog in de Lomanstraat joden woonden, net als in de Rivierenbuurt. Onlangs zijn er zeven (meen ik) zogenaamde struikelstenen geplaatst in de stoep van de Lomanstraat bij de huizen van waaruit joden zijn gedeporteerd. Maar voor nummer 6 ligt niet zo’n struikelsteen.


Navraag bij het Stadsarchief leverde vrij snel een alternatieve betekenis op. Peter Kroesen berichtte mij desgevraagd:

De witgekalkte 6 is in de oorlogsjaren aangebracht i.v.m. de verduisteringsvoorschriften. In de schemering gaven de witgekalkte cijfers nog enige oriëntatie in de verduisterde straten.
De S staat voor schuilkelder. Hiermee werd aangegeven dat er, in geval van luchtalarm, in een openbaar toegankelijke schuilkelder geschuild kon worden.
Of er op een bepaald adres onderduikers hebben gezeten, kan niet worden nagegaan. Er zijn geen lijsten van onderduikadressen o.i.d. Het geheime karakter van de onderduik sluit registratie uit.
De aanwezigheid van een openbaar toegankelijke schuilkelder overigens, maakt het m.i. minder waarschijnlijk dat er onderduikers gezeten zouden hebben.

Ook voor die aanwijzing als schuilkelder ontbreekt overigens ieder bewijs. Er is geen foto van te vinden, en op internet is ook geen ondersteunend bewijs dat er in de Lomanstraat, dus ook niet op nummer 6, een publieke schuilkelder is geweest, noch tijdens de oorlog, noch tijdens de Koude Oorlog toen de BB er van alles aan deed om ons bang te maken voor de Russen en er her en der weer schuilkelders werden ingericht. Vreemd is het ook, dat die S is verdwenen en er een 6 voor in de plaats is gekomen. Ik zou toch verwachten dat beide in de oorlog tegelijk zichtbaar aanwezig waren, en zo niet, dat dan de 6 zou zijn overgekalkt met een S. Maar het omgekeerde was het geval. En van die witgekalkte huisnummers i.v.m. verduistering is wel wat te vinden uit onder andere de Rivierenbuurt. Zie HIER.

Er bestaat dus toch nog een onopgelost stukje historische puzzel.
Intussen zal ik de huidige eigenaar van Lomanstraat 6 huis vragen of die 6 weer kan worden aangebracht. Mooi stukje historisch erfgoed.

 

 

2 thoughts on “Lomanstraat – Van S naar 6

  1. Kan de bezetter een teken hebben aangebracht wegens besmettelijke ziekte ad locum?
    In films over de Bezetting zag en hoorde ik dat de Duitsers hysterische angst hadden voor besmettelijke ziekten. Vandaar dat de jonge militairen niet naar uitgaansgebieden mochten waar prostituees zaten. Was in een woning ’n besmettelijke ziekte aangetroffen dan werd op de muur een merkteken aangebracht wat zoveel betekent als een betredingsverbod. Ook heeft een bewoner er misbruik (hoe je het dan noemen wilt) van gemaakt om te voorkomen dat soldaten de woning gingen doorzoeken naar onderduikers. Of het succesvol is geweest wordt niet verhaald maar ik weet zoveel dat je met de Duitsers bepaald geen spelletje moest spelen. Na de oorlog kan je wel stoere verhalen vertellen.

    • De verduistering (die leidde tot het aanbrengen van witgekalkte grote huisnummercijfers) was weliswaar door de Duitsers verordonneerd, maar het toezicht erop lag in handen van de LBD (LuchtBeschermingsDienst), de voorloper van de latere BB. Het witkalken van huisnummers was geen verplichting, maar werd her en der in Nederland wel toegapast voor een betere oriëntatie door bewoners.
      Het aanbrengen van een S voor “particuliere Schuilkelder” was al helemaal geen verplichting. De Duitsers vonden het best en ik denk dat de LBD er een rol in had om mensen erheen te dirigeren en hulp te bieden bij calamtiteiten. Angst voor besmettingen heeft in dit verband dus helemaal geen rol gespeeld. Ik neem ook niet aan dat er in 1940-1945 veel hoerenkasten waren in de Lomanstraat. Daarna ook niet.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>