Belgje pesten (2/3)

EEN KERNCENTRALE ALS DOEL.
Omdat tram 77 en 75 zo lang op zich lieten wachten, zoals eerder uitgelegd, verplaatsten we ons per auto naar Fort Lillo. Je komt daar binnen over een oprijlaan van onvervalste kasseien – een betere vorm van verkeersdrempel, niet voor niets in het Zweeds trafikhinder genoemd, bestaat er niet. Bovendien wordt je direct omringd door een horde ganzen die al sinds jaar en dag het fort bewaken.
Stapvoets voortschrijdend kom je aan de Scheldedijk. Waar eerst de stelplaats van tram 75 was, zie bijgaande foto van Jos van Aerde, is nu een riant parkeerterrein.
We waren de enige auto.

Fort Lillo is een bezoekje wel waard, vooral vanwege de merkwaardige ligging als een ingeklemde oase in het uitgebreide Antwerpse havengebied.

Met zijn haventje dat buiten de sluizen ligt, en dus telkens bij eb droogvalt, zijn planologische vorm van een oud fort, en zijn karakter van een stilstaand dorpje maakt het een onwerkelijke indruk.

 

 

Er is wat nering, maar niet veel. Een pleintje (met het huis van Den Prins van Oranje), een kerk (gesloten), een pisbak (openbaar). Er is wat horeca, maar het ene etablissement was gesloten en stond te koop, een tweede was gesloten vanwege vakantie, en het derde was in feite een gezellig stamineeke, waar je niet kon eten; nou ja, een tosti kon je nog net krijgen, en waar één hotelkamer beschikbaar was; nou ja, dat wil zeggen: door de week werd die permanent bewoond door arbeiders uit het havengebied, en in het weekeinde kon je die kamer reserveren. Een bescheiden slaapkamer met scheve, oude, houten vloer, iets waarover ik allerminst zal zeuren, en tot mijn grote verrassing hoorde er ook nog een forse woonkamer bij met tv, koffie- en theevoorziening en riante zitgelegenheid. Wifi werkte, evenals de verwarming. Helaas kon je er niet met je bankpas betalen, en voor geld pinnen moest je helemaal naar Antwerpen, maar geen nood: we kregen het banknummer van de waardin mee met de toezegging het bedrag na thuiskomst snel over te maken. Waar maak je dat nog mee?

Die waardin was overigens afkomstig uit Doel, aan de andere kant van de Schelde, vlak bij fort Liefkenshoek. Beide forten -ik schrijf onder de kop Belgje pesten– bleven merkwaardigerwijs na de Belgische onafhankelijkheid in 1830 nog tot 1839 Nederlands grondgebied. Willem I had met lede ogen aan de Belgische opstand gevolg moeten geven, maar hij probeerde, ook militair, te redden wat er niet te redden viel. Hij hield dat negen jaar vol en hing kort erop zijn kroon aan de wilgen.


Die waardin was dus afkomstig uit Doel, dat aan ernstige leegloop lijdt.

Wie van Doeldenken houdt als een vorm van doemdenken, kan terecht op de webstek van Doel2020 en vooral deze Youtubefilm bekijken. Te vrezen valt dat Doel, waarvan er van de dik 2200 inwoners in 1900 nu nog maar 84 over zijn, op korte termijn geheel tegen de vlakte gaat, zoals dat ook gebeurde met Lillo, evenals met Blankenburg, Rozenburg en Heenvliet (toepasselijke naam!) die werden opgeofferd ten behoeve van de uitbreiding van de Rotterdamse haven.

De als megalomaan bestempelde en nimmer succesvol uitgevoerde uitbreidingsplannen van de Antwerpse haven zijn er de oorzaak van. Tel daarbij de aanleg van vier kerncentrales (Doel-1, -2, -3 en -4) op en het woongenot in Doel is verleden tijd.

Die kerncentrales gaan overigens om de haverklap dicht wegens storingen of vermeende risico’s, terwijl zo ongeveer om het Belgisch kabinet beurtelings besluit de vier centrales definitief te sluiten, dan wel de geplande sluitingsdatum weer voor tien jaar uit te stellen. Momenteel staat de deadline op 2025.

België was in 1967 met de planning voor het aanleggen van de Doel-centrales net iets eerder dan Borssele (besluit in 1969), maar onverwachte Nederlandse efficiëntie en vanzelfsprekend Belgisch gehakketak zorgden ervoor dat Borssele net iets eerder opstartte. Doel-1 en -2 in 1975, Borssele in 1973. Waarom twee van die energieparken zo dicht bij elkaar, met 9 miljoen inwoners in een straal van 75 km eromheen?

Het echte antwoord vind je niet op internet. Ik opper maar iets: België wilde, met Franse ruggesteun, niet alleen onafhankelijk zijn van Nederland, maar ook niet langer afhankelijk blijven van Nederlands aardgas, en kweekte met de centrales in Doel en Tihange een bron van eigen energiebehoefte.

Bedenk daarbij dat in België, net als in Nederland trouwens, begin jaren-’60 de kolenmijnen een voor een sloten en dat België door zijn ligging maar een relatief kleine kuststrook en dus ook een klein gebied aan territoriale wateren heeft, met alle gevolgen van dien voor de beperkte mogelijkheid van windmolens, getijdenenergie, maar ook boringen naar gas en olie. De recente Belgische plannen voor een energie-atol voor de Vlaamse kust zien er gelikt uit, maar België kennende zie ik het lijk al drijven. Bovendien kun je nu al op petities24.com bezwaar tegen de plannen maken. Die gaan dus ook al op niks uitdraaien.

Dat is de centrale kern van de zaak: Doel weg. Lillo weg. En Antwerpen zal het blijvend afleggen tegen Rotterdam. Daar zorgt de Hollandse VOC-mentaliteit wel voor – de pest voor de Belgen.

_________________________________
Vorig artikel: BELGIË SPOORT NIET
Volgend artikel: IK EEN BIETJE MEER ALS OUW 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *