Een driewerf gemankeerde Sebastiaan (1/3)

Als een ander het niet doet, doe ik het maar. Ik pretendeer niet alle Sebastiaanafbeeldingen te kennen die er bestaan; meer dan 10.000 zijn er nog bekend. Toch was ik weer eens prettig verrast toen ik begin april min of meer bij toeval tegen een gipsen Sebastiaan aanliep, figuurlijk dan, die de toen 24-jarige Pierre Travaux in 1846 had vervaardigd en die nu een plaats heeft in het plaatselijke museum van Semur-en-Auxois (21 Côte-d’Or).

De verrassing maakte al gauw plaats voor een kritische kijk op het beeld, dat een aantal voortreffelijke eigenschappen heeft, maar ook nogal wat storende tekortkomingen. De conservatrice van het museum gaf mij een maand later toestemming tijdens museumsluiting uitgebreid foto’s te komen maken en met haar van gedachten te wisselen over genoemde sculptuur. Dat zal gaan leiden tot een lang en diepgaand tijdschriftartikel, neem ik me voor, maar hier licht ik alvast enige tipjes van de sluier op. Wellicht helpt me dat nog aan bruikbare reacties, want over dit beeld is bij mijn weten nog in het geheel niets geschreven.

De auteur
Pierre Travaux werd geboren op 10 mei 1822 in Corsaint, niet ver van Semur-en-Auxois, en overleed, 49 jaar oud, op 19 maart 1869 in Parijs. In Semur volgde hij aanvankelijk een studie aan de plaatselijke tekenschool, liet hij zich daarna in het beeldhouwvak bekwamen door Pierre-Paul Darbois in Dijon, waar hij vanaf 1842 aan de Ecole des Beaux-Arts onder leiding van François Jouffroy zijn studie vervolgde. Met zijn werk verwierf hij een aantal prijzen en eervolle vermeldingen en, belangrijker nog voor hem, hij kreeg een aantal lucratieve opdrachten: voor het Louvre mocht hij zes beelden maken, hij kreeg van drie Parijse kerken, waaronder de Notre Dame, een opdracht en hij verzorgde een deel van de gevel van het Paleis van Justitie in Marseille, in welke plaats hij nog meer opdrachten kreeg aangeboden. Kortom, in zijn korte arbeidzame leven was hij zo niet een zeer gerenommeerd, dan toch in ieder geval een zeer gewaardeerd beeldhouwer, voornamelijk van menselijke figuren. Dat wij zo weinig van hem afweten, als hij buiten Frankrijk al wordt gekend, komt deels doordat er midden 19e eeuw zo veel goede beeldhouwers in Frankrijk en de buurlanden actief waren, deels ook doordat hij helemaal niet buiten Frankrijk heeft gewerkt. Maar ook binnen Frankrijk is de spoeling dun. Probeer het maar eens met Google. Helaas levert dat te veel schijntreffers op die gaan over werkzaamheden (“travaux”) met steen (“pierre”) en maar heel weinig over Pierre Travaux. Ook in de vakliteratuur blijft hij veelal onbesproken; de enige biografie die ik heb kunnen vinden is een 75 pagina’s lang artikel over zijn leven en werken in een wetenschappelijk bulletin uit Semur-en-Auxois uit 1909 1). Op Wikiphidias is er een summier en niet geheel correct biografisch overzicht van hem te vinden.

1) Bulletin de la Société des Sciences historiques et naturelles de Semur-en-Auxois. Tome XXXVI, Années 1908-1909. Semur-en-Auxois 1910. De bladzijden 147-220 van dit bulletin zijn aan Pierre Travaux gewijd.

De zekere feiten
Van het bedoelde Sebastiaanbeeld weten we een paar dingen zeker – heel veel dingen zeker niet. Het gaat in ieder geval om een gipsen ronde-bosse van 115x32x40 cm (HxBxL), vrijstaand en op een sokkel geplaatst, vervaardigd in 1846 te Semur-en-Auxois. In datzelfde jaar verwierf Pierre Travaux er een Médaille d’honneur mee, wat ik beschouw als een aanmoedigingsprijs voor een beginnend beeldhouwer. Na 1854 heeft hij het aan het museum in Semur geschonken; kennelijk had hij het beeld niet in opdracht vervaardigd, hooguit als studieopdracht tijdens zijn opleiding aan de tekenschool in Semur.
Het beeld toont een staande Sebastiaanfiguur, ruggelings met de polsen aan een boom gebonden, één arm omhoog, één arm omlaag, de voeten niet gebonden. Deze uitbeelding van de marteling van Sebastiaan is veel voorkomend, zie ook mijn artikel over die houding.

Tussen 1989 en 1992 is het beeld, samen met 35 andere uit het museum, gereinigd en enigszins gerestaureerd.

 

 

De onzekere feiten
Zoals gezegd lijkt het erop dat Travaux dit beeld niet heeft gemaakt om het tegen betaling te leveren aan een opdrachtgever, zoals met veel van zijn latere sculpturen wel het geval was. Zowel zijn leeftijd tijdens de vervaardiging (24 jaar) als de afwerking van het beeld, alsmede het feit dat hij het aan “zijn” tekenschool, het latere museum in Semur heeft geschonken, geven grond aan die veronderstelling. Er werden destijds zeer veel kunstobjecten en zelfs een heel uitgebreide zoölogische collectie een de tekenschool geschonken als studiemateriaal voor leerlingen, zo veel zelfs dat men in 1885 besloot er een heus museum van te maken, dat nu nog steeds in functie is en gratis toegankelijk voor het publiek.

Onbekend is waarom Travaux dit werk maakte. Ik veronderstel dat hij het tijdens zijn opleiding ter plekke heeft gemaakt om blijk te geven van zijn vakmanschap. Immers, als iemand thuis op zijn zolderkamer in vrije tijd een beeld in elkaar gipst, zal het toch wel niet worden voorgedragen voor een eervolle vermelding van een artistiek instituut in Dijon.

Wat we ook niet weten, is of Travaux voor dit werk een levend model heeft gebruikt, of dat hij zich heeft bediend van voorhanden zijnde studiemateriaal. Enerzijds moet ik bekennen dat ik geen ander Sebastiaanbeeld ken dat in precies diezelfde houding geposteerd staat (maar nogmaals: ik pretendeer niet ze alle 10.000 te kennen, laat staan de vele duizenden die nog nooit zijn gedocumenteerd en in een verzameling zijn opgenomen); anderzijds doet het hoofd van deze Sebastiaan mij wel heel erg denken aan veel voorkomende hoofden uit de antieke Griekse en Romeinse beeldhouwkunst, waarvan op de tekenschool stellig voorbeelden aanwezig waren, en dat dat hoofd opvallende gelijkenissen vertoont met ander werk van Travaux, zoals zijn Méléagre uit 1866 in een van de nissen van de Aile Flore in het Louvre en de hoofden van Le serment d’Annibal, een hoog-reliëf dat ik in het museum van Semur heb aangetroffen. Met dit laatste werk verwierf Travaux overigens in 1846 de prix de sculpture in Dijon. Het is niet waarschijnlijk dat je 20 jaar lang met hetzelfde levende model werkt. Alexandra Bouillot, conservatrice van het museum in Semur, schreef mij dat het waarschijnlijk te achten is, dat hij voor dit werk een van zijn medestudenten heeft laten poseren.

Ten slotte weet ik niet waarom de jonge Pierre Travaux dit Sebastiaanbeeld niet netjes heeft  afgewerkt. Tijdsdruk? Onkunde? Was de aard van de opdracht een andere dan het vervaardigen van een gaaf beeld, bijvoorbeeld slechts het uitdrukken van een bepaalde houding of expressie waarbij overige details en afwerking niet van belang waren? Het blijft allemaal gissen.

Driewerf gemankeerd
Aan deze sculptuur ontbreken drie aspecten: hij draagt geen enkele kleding, er ontbreken enkele uitstekende lichaamsdelen en er zitten geen pijlen in zijn lichaam gespiest. Dit alles is minder flauw dan je misschien zou denken, en ik zal uitleggen waarom ik dat zeg en wat daarvan de consequenties zijn. In ieder geval maken deze drie manco’s het beeld tot een volstrekt unieke representatie van de heilige Sebastiaan. Dat is voor mij ook de reden om er een speciaal artikel aan te hebben willen wijden.

1. Kleding
Aan de kledij waarin Sebastiaan wordt gerepresenteerd heb ik een apart bericht gewijd. Daaruit moge in ieder geval duidelijk worden dat een geheel ongeklede Sebastiaan tot ±1950 tamelijk uitzonderlijk was. Natuurlijk heeft dat de maken met het feit dat in kerken, waar wij zo vele van de Sebastiaanafbeeldingen aantreffen, naaktheid uit den boze was en is, als ook met het feit dat hij pas na de Tweede Wereldoorlog naar voren is gekomen als prominent icoon of idool van de homobeweging.
Dat Travaux desalniettemin in 1846 een naakte Sebastiaan vervaardigt, kan ik alleen maar verklaren uit de studieopdracht die hij moet hebben gekregen, bijvoorbeeld het tonen dat hij de anatomie en de proporties correct wist uit te beelden in gips, in een voor medio 19eeuw nogal gangbare pose. Attitude un peu théâtrale par le mouvement du corps et la gestuelle accentuée, vermeldt de officiële analytische beschrijving van inventarisstuk 885.S.80 in het museum van Semur-en-Auxois. Let bijvoorbeeld op de houding van het hoofd met de geprononceerde kin en de sterk benadrukte bovenbenen en heupen, en op de bogen die er in de houding waarneembaar zijn.

2. Penofobie

Leed Pierre Travaux aan penofobie? Als je goed kijkt, zie je dat het stellig niet zo is dat hij de geslachtsdelen wel degelijk had gebeeldhouwd, maar dat die later, om welke reden dan ook, zijn afgebroken. Integendeel, hij is op dit punt niet verder gegaan dan wij nu kunnen zien – van een breukvlak is totaal geen sprake. In die zin is er dus van anatomische correctheid geen sprake, maar alweer: het kan de studieopdracht zijn geweest die dat ook niet vereiste, en/of de haast waarmee hij heeft moeten werken.

3. Pijlen
Nagenoeg alle afbeeldingen waarop het martelaarschap van Sebastiaan wordt weergegeven, vertonen een of meer pijlen die, naar de overlevering luidt, op hem waren afgeschoten. In het geval van het beeld van Travaux ontbreekt daarvan elk spoor: geen enkele pijl, evenmin gaten in zijn lijf waar ooit pijlen zijn ingestoken geweest, iets wat we in veel kerkbeelden van Sebastiaan nog wel tegenkomen. Travaux heeft dus niet zozeer dat martelaarschap willen uitbeelden, als wel de figuur die daaraan werd onderworpen. Dat kan naar mijn mening maar matig worden afgedekt door aan het beeldhouwwerk de omschrijving mee te geven: “Saint Sébastien, prêt à être martyrisé” (“Sint Sebastiaan, klaar om te worden gemarteld”). Ik vind dat nogal goedkoop overkomen.

En verder
Er zijn nog wel wat meer tekortkomingen aan het beeld waar te nemen.

Van zijn rechter hand ontbreekt de pink. Ooit afgebroken, zo te zien. Vreemd genoeg weet het museum daarover niets te melden. Volgens eigen opgave verkeerde het beeld in 1970 “en bon état”, zonder verdere specificatie, en tijdens de grote schoonmaak van beelden in het museum van 1989-1992 is er alleen maar schoongemaakt, niet gerestaureerd, hoewel ik zelf de indruk heb dat vingers van zijn linker, naar beneden hangende hand, wel degelijk zijn gerestaureerd.

 

 

Verder is het beeld, wellicht wegens tijdgebrek, niet echt goed afgewerkt. De oppervlakte is onregelmatig ruw, de naden tussen boven- en onderlichaam, ter hoogte van de heupen, evenals die tussen hoofd en bovenlichaam, zijn overduidelijk zichtbaar. De touwen rond zijn polsen zijn alleen aan de voorzijde mooi gevlochten uitgewerkt; aan de achterkant is daarvan nauwelijks nog iets waar te nemen.

Voorts bestaat bij mij het vermoeden dat Travaux op dat beginmoment van zijn carrière nog niet beschikte over de vaardigheid om een gipsen beeld te maken dat evenwichtig op zichzelf staand was: de figuur van Sebastiaan is opgebouwd uit drie delen: onderlichaam, bovenlichaam en hoofd. Die drie delen zijn geplaatst tegen een nogal dikke boomstronk. Zo dik zelfs, dat er bij de officiële prijstoekenning in 1846 sprake was van een “ronde bosse”, wat duidt op een reliëf waar je omheen kunt lopen.

Behalve dat Travaux op deze wijze de mogelijkheid had het onderlijf, met name de bilpartij, zeer stevig aan de stronk te bevestigen, wat de esthetiek van de figuur bepaald geen goed doet, zien we ook dat op nog vier plaatsen het lichaam steun vindt bij de achtergrond: beide polsen aan een tak, één voet tegen de stam en de andere voet op de grond. Per saldo is alleen het hoofd een vrijstaand onderdeel van het beeld, d.w.z. niet tegen de boomstronk leunend.

Van het beeld zijn (nog) geen röntgenfoto’s gemaakt, zodat we niet weten hoe het ijzeren staketsel eruit ziet waarop hij het beeld heeft gemodelleerd. Toch was men in die tijd wel degelijk in staat een menselijke figuur, op ongeveer tweederde van de ware grootte, in gips af te beelden en daarbij met één enkel steunpunt te volstaan. Het moet Travaux om iets anders te doen zijn geweest dan een toonbeeld van uitgebalanceerd evenwicht te fabriceren.

Waardering
Omdat het beeld nergens staat beschreven, is er ook niets bekend over enige positieve of negatieve waardering ervan in kunstkringen. Een artistiek topstuk is het stellig niet; daarvoor mankeert er, letterlijk en figuurlijk, te veel aan dit werk. In feite is het juist daarom een uniek werk te noemen, omdat er van alles aan ontbreekt, zoals hierboven toegelicht. Misschien zijn het namelijk wel al die onvolkomenheden, in combinatie met de grote onbekendheid van het werk, die het tot een specialiteit maken die ik, als het gaat om Sebastiaanafbeeldingen, nog niet eerder heb ontmoet.

Deel 2 over deze beeltenis is inmiddels hier gepubliceerd, nu ik meer informatie heb gekregen uit de departementale archieven in Dijon; deel 3 volgt later, als ik iets wijzer ben geworden in het Musée d”Orsay in Parijs.

 

 

 

 

 

2 thoughts on “Een driewerf gemankeerde Sebastiaan (1/3)

    • Eigenlijk niet alleen de lippen, maar het hele hoofd ademt een klassiek-hellenistische sfeer; niet zo vreemd rond 1850. Vandaar dat ik aanvankelijk dacht dat Travaux een oud-Grieks beeld als model had gebruikt, maar diverse bronnen gaan ervan uit dat het toch een schoolkameraad van hem geweest moet zijn die zich aldus heeft laten vereeuwigen. Helemaal fotorealistisch is het dan wellicht niet geworden (denk ook aan de ontbrekende uitstekende delen), maar vermoedelijk was de opdracht meer toegespitst op de houding en de goede proporties van het geheel, dan op de eeuwige roem die het model ten deel zou vallen. Ik ga nog verder spitten in de departementale archieven in Dijon en bij het Musée d’Orsay in Parijs om achter nog meer details te komen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>