Frans: hoe chique

Wie goed op z’n qui vive is, kan met veel elan, egards en aplomb een hoop Franse woorden produceren die heel chique klinken, maar helemaal geen Frans blijken te zijn. Een residu uit de tijd van de Franse bezetting, die minder desastreus was dan de Duitse bezetting. Mede daardoor zijn er nog steeds heel wat mensen fanatieker tegen germanismen dan tegen gallicismen.

Ik wil een lijstje bouwen van woorden die Frans lijken, maar dat niet zijn. Voor de duidelijkheid:

Ik bedoel niet: Franse woorden die we in het Nederlands hebben met (ongeveer) dezelfde betekenis, zoals directeur, garage, bobine, chique, mode, marmelade, jeremiade, jus, pissoir.

Ik bedoel ook niet: Franse woorden die we in het Nederlands hebben met een nogal afwijkende betekenis, zoals:

  • batterij (NL: stroomstaafje; F: (auto-)accu)
  • bretel (NL: broekophouder; F: op-/afrit van snelweg)
  • gênant (NL: schaamteloos of schaamtevol; F: hinderlijk)
  • hangar (NL: vliegtuigstalling; F: bijgebouwschuur)
  • milieu (NL: leefklimaat; F: onderwereld)
  • ordinair(e) (NL: laagbijdegronds; F: normaal, gewoon)
  • remise (NL: tramstalling; F: bergplaats, pleisterplaats; ook NL: gelijkspel; F: match nul).

Twijfels heb ik bij kotelet en karbonade. Die woorden bestaan wel in het Frans, maar bij de slagers kom je hooguit soms côtelette tegen in de betekenis van onze varkensribstukken; meestel echter worden ze als côte de porc verkocht, maar dat kan regionaal verschillen, zoals kotelet ook meer Zuid-Nederlands is en karbonade meer Noord-Nederlands; vergelijk ook een zak friet in het Zuiden naast een zak patat boven de rivieren).

Ook sterke twijfel heb ik bij assuradeur en raffinadeur (Frans: assureur en raffineur). Weliswaar lijkt het erop dat assuradeur een verfranste contaminatie is van bijv. assureur en ambassadeur, maar (zie het WNT) we hebben beide woorden al vrij lang en zeker gelet op de nevenvorm assuradoor ligt eerder een afleiding niet uit het Frans, maar uit het Spaans (assurador) voor de hand. Voor stukadoor geldt dat niet, want dat komt van het Italiaanse stuccatore, zegt Van Dale. Afleidingen uit het Spaans, driemaal raden uit welke tijd die stammen, zijn zo zeldzaam, dat we er niet eens een woord voor hebben: naast germanisme, gallicisme en anglicisme, ken ik geen woord als ibericisme of zo.

Ten slotte bedoel ik ook niet: Franse woorden die uit het Nederlands komen en in een andere betekenis weer in het Nederlands zijn teruggekeerd:

  • bolwerk (“vesting”) werd in het Frans boulevard en kwam toen in het Nederlands terug als boulevard (“brede straat)
  • manneke (“kleine man) werd in het Frans mannequin en kwam toen in het Nederlands terug als mannequin (“modepop).

Wat ik dan wel bedoel: Frans klinkende woorden in het Nederlands die helemaal geen Frans zijn, meestal bestaande uit een Nederlands stammorfeem met daarachter een Franse uitgang -ade, -age, of -ette, zoals:

  • acclimatiseren (is in het Frans acclimaterAcclimatiseren is onovergankelijk, neemt dus geen lijdend voorwerp; acclimater kan dat wel doen: Acclimatez votre conduite, waarschuwen najaar 2014 de borden langs de Waalse snelwegen i.v.m. de naderende winter)
  • automatiek (waar je kroketten uit de muur kunt trekken. Febo bestaat niet in Frankrijk, net zomin als onze kroketten er bestaan. Het kan dus alleen worden omschreven als een “distributeur automatique d’un snack-bar”)
  • blamage (blåmer bestaat wel in het Frans, maar blamage is honte)
  • blokkade (het Frans kent wel blocquer ”blokkeren”, maar het ervan afgeleide zelfstandig naamwoord is blocage, niet blocade)
  • coulance (in het Frans: indulgence of caractère coulant)
  • faillissement (niet dat je in Frankrijk niet failliet kunt gaan, maar daar is een faillissement: une faillite; ons woord faillissement is afgeleid van het Italiaanse fallimento, net zoals meer woorden uit het bank- en geldwezen uit het Italiaans komen, en later in het Nederlands met een unieke invoeging van -sse verfranst in het woordenboek terechtgekomen)
  • idioterie (is in het Frans idiotie)
  • lekkage (lekken bestaat niet in het Frans; lekkage dus ook niet)
  • meubilair (in het Frans: mobilier of meubles)
  • modinette (in de reclamewereld na 1950 ontworpen als variant op het Franse midinette“ateliermeisje”)
  • pikanterie (van pikant in de 19e eeuw in het Nederlands verfranst met de uitgang -erie; in het Frans: grivoiserie of gaudriole)
  • pissoir (in het Frans pissotière; het woord pissoir is dialectisch wel in Frans gebruik. Urinoir bestaat in het standaard-Frans met dezelfde betekenis. Het Amsterdamse krul kent geen pendant in het Frans)
  • rollade (rollen bestaat niet in het Frans; rollade dus ook niet)
  • telefonade (bestaat niet in het Frans, wel téléphonage, maar dat is het doorsturen van telegrammen)
  • tuigage (tuig bestaat niet in het Frans; tuigage dus ook niet)
  • wasserette (wassen bestaat niet in het Frans; wasserette dus ook niet; zie HIER voor een actuele aanvulling)
  • Toppunt van misplaatste francofilie is en blijft voor mij de peuterette, terwijl daar toch een goed en evenzeer Frans woord voor bestaat: crèche.


Enfin, ik zou het zeer appreciëren nog een aantal van deze onfranse Franse woorden aan mijn lijst te kunnen toevoegen. Wie helpt?

 

3 thoughts on “Frans: hoe chique

  1. Modinette – staat niet in de Robert.
    Intercedente – kan best van intercéder komen (invloed uitoefenen) maar heeft hier de betekenis van vrouwspersoon bemiddelaar.

  2. Aan het hoofdartikel toegevoegd de woorden bretel, idioterie, telefonade en modinette. Intercedente niet, want dat woord is al in 1824 in het Nederlands opgedoken vanuit het Latijnse intercedens (zegt Van Dale) en is dan zeker geen potjesfrans.

  3. Quasi frans:

    - Vrijage (hoewel : Yves wees me op het woord frayage, dat van het werkwoord frayer, kuitschieten, komt).
    - bossage
    - gage
    - kadetterette (van Youp van ‘t Hek)
    (N.B. Croissanterie en sandwicherie zijn wel echte Franse woorden!)
    - vacature
    - coulance
    - rollade is in het Frans roulade en rollen is rouler.
    - kotelet is cotelette de porc of d’agneau.
    - Carbonnade bestaat ook maar is een rundvleesgerecht op houtskool geroosterd. In Vlaanderen is het een soort stoofvleesgerecht.
    - het woord jus heeft in het Frans bepaald een andere betekenis, nl. die van sap en niet die van onze lekkere vette vleesjus ; zou het nederlandse jus niet een verbastering van sauce zijn ? Van Dale’s etymologisch woordenboek geeft mij daarin geen gelijk maar ik ben eigenwijs en het in elk geval lang niet altijd met Van Dale eens.
    - het woord chique is chic in het Frans. In het Nederlands wordt kennelijk alleen de vrouwelijke vorm gebruikt, wat ook merkwaardig is. Ik ken daar geen andere voorbeelden van. Jij wel ?
    - het ‘nederlandse’ éducation permanente wordt in Frankrijk formation en continu genoemd.

    Zo zijn er nog wel meer combinaties van woorden in hetzelfde register ; als ze me te binnen schieten laat ik het weten.

    Rosemarijn Milo, 57070 MEY

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>